22-01-18

ik heet madeleine...maar iedereen noemt mij maddy...

 

 

Ga je mee een koffie drinken, vraagt Madeleine me na de les, 
Madeleine maakte me tijdens mijn allereerste les bekend met de
gewoonten, het reilen en zeilen van de club en zijn leden en
terwijl ik nog sta te hijgen na alle inspanningen en de vele oefeningen
die ik naar behoren heb uitgevoerd tijdens de gymles waar ik nu
wekelijks naar toe ga, antwoord ik... ja.

Even later zitten we aan een tafeltje aan het venster van de enige
koffiezaak op het kleine marktplein die de gemeente rijk is.
We vormen de attractie van de ochtend, we worden bekeken want
we vallen in onze sportkledij natuurlijk nogal op tussen de andere
koffiegebruikers. Madeleine voelt zich ongemakkelijk, trek het je niet
aan, zeg ik, dat doe ik ook niet.
De koffie wordt gebracht en Madeleine neemt melk en suiker,
roert in haar kopje en vertelt een beetje over haar leven dat zo totaal
anders is dan het mijne.

Ik heet Madeleine maar iedereen noemt me Maddy, zei ze me tijdens
die eerste les waaraan ik nu voortaan elke week zou deelnemen en
ze wees me een plaatsje aan naast haar tussen de veertig tot vijftig
andere turnsters.
Madeleine, ik noem haar altijd Madeleine want Maddy vind ik een
afschuwelijke naam is een tengere vrouw met een erg kort grijs kapsel
en een kwieke stap.
We woonden vroeger, zonder dat we het van elkaar
wisten, in het zelfde stadje maar we hebben elkaar nooit eerder
ontmoet, ze is maar enkele jaren ouder dan ikzelf en toch heeft ze
een heel ander leven geleid.

Haar moeder was naaister, ze naaide vooral voor dames,
dames met een hoofdletter, de betere stand dus, en wilde dat Madeleine
naar een beroepsschool zou gaan om ook naaister te worden,
dat vond ze een mooi beroep voor een meisje maar daar had Madeleine
helemaal geen oren naar en geen zin in maar in studeren had ze
evenmin zin.
Naaien zoals haar moeder wilde ze absoluut niet.
Van studeren kwam er niet veel in huis en via connecties van haar
vader kon ze op haar veertiende beginnen werken in een grafisch
bedrijf.
Ze stelde zich daar veel van voor maar de praktijk was totaal
anders, in dat bedrijfje werden boeken genaaid en zij mocht de
draadjes tussen de bladen afknippen, kaften plooien en schoonmaken
behoorden ook tot haar taken.
Ze verdiende toen 8 frank per uur,
om de twee weken werd ze door haar baas persoonlijk uitbetaald en
thuis kreeg ze wekelijks 20 frank zakgeld.
Ze voelde zich rijk.
Er werkten enkele meisjes en jongens van haar leeftijd in de zaak
en dat alleen vond ze héél bijzonder. Tijdens haar korte schooltijd  
was ze altijd strikt gescheiden geweest van het andere geslacht en
nu stonden de jongens plots naast haar.
Het was of ze van een andere planeet kwamen.
Uitgaan mocht ze maar toen ze achttien was, om zes uur mocht ze
de deur uit maar om 10 uur moest ze terug thuis zijn, op dat vlak
waren haar ouders onverbiddelijk.

Ze heeft nooit een diploma gehaald en daar heeft ze nu nog altijd
spijt van, ze heeft ook nooit een avondcursus gevolgd of zich
bijgeschoold, ze denkt dat ze, mocht ze haar leven kunnen over doen,
voor de zorgsector wel iets had kunnen betekenen, ze heeft altijd
graag gezorgd, verpleegster had ze wel willen worden maar ze is
jong getrouwd, kreeg op jonge leeftijd  twee kinderen en is na de
geboorte van het eerste kind altijd thuis gebleven om voor man en
kinderen te zorgen. Haar man zaliger werkte voor zijn gezin,
hij dronk en sloeg haar niet en daarmee is alles gezegd,
hij lachte maar zelden.
Vijftien  jaar geleden is hij bezweken aan een
hartaanval en in datzelfde jaar is ook haar moeder overleden en
toen erfde ze plots een hele voorraad stoffen en lappen in bonte kleuren
en patronen, een naaimachine, een paspopmodel en een heel
assortiment naai bijhorigheden.
Aanvankelijk deed ze er niets mee tenzij de stoffen betasten,
tussen haar vingers laten glijden en sorteren op kleur en tekeningen.
Maar algauw begon ze te experimenteren, ze drapeerde,
vouwde en plooide de geërfde stoffen op de paspop en zo vormde ze
haar eerste kledingstuk. Ze naaide en knipte tot het goed zat,
ze kreeg er schik in en toen ze haar allereerste zelfgemaakte jurk droeg
op een bijeenkomst en van enkele vrouwen welgemeende complementjes
kreeg, gloeide ze van trots.
Diezelfde week kreeg ze reeds haar eerste klant, anderen volgden.
Haar klanten kijken raar op als ze een eerste keer bij haar komen
voor een kledingstuk want Madeleine kan geen patronen tekenen,
ze werkt op de mensen zelf, ze werkt het liefste met soepel vallende stoffen,
ze speelt met kleur en materialen, ze plooit en manipuleert haar stoffen
tot alles goed valt en dan naait ze alles aaneen en pas als haar
klanten tevreden is zij tevreden en trots op haar creaties.

Héél haar leven lang dacht Madeleine dat ze een grondige hekel had
aan naaien maar nu naait ze dus, net als haar moeder,
voor dames, voor dames met en zonder hoofdletter, voor vrouwen,
haar moeder zou het moeten weten ze zou raar opkijken,
ik kijk er zelf nog elke dag raar van op, lacht Madeleine...
die door iedereen Maddy genoemd wordt,
alleen ik noem haar Madeleine...

   

 

 

11:05 Gepost door RD | Commentaren (0) |  Print