28-12-17

ééntje is gééntje...

 

 

Jan wil ik natuurlijk herinneren in goede dagen maar…
Ik heb hem ook anders gekend.

Tijdens een weekend aan zee met mijn goede vriend Jan,
hij woonde sedert de scheiding van zijn eerste vrouw helemaal alleen
in een appartement op de dijk en ik verbleef af en toe bij hem om hem
te steunen in zijn moeilijke dagen en ook om hem te redden van de
totale verloedering in de volle overtuiging dat ik dat toen kon,
dat ik een héél klein beetje invloed had op zijn doen en laten,
zag ik het voor het eerst, toen we de deur uitgingen voor een wandeling
langs de vloedlijn viel het me op hoeveel lege flessen er in zijn portaal
stonden, het leek wel een recyclagepark.
Met mijn kin wees ik ernaar maar hij schudde ontkennend van neen,
de lege flessen waren natuurlijk van hem maar ik moest me niet
ongerust maken want hij was niet dronken, hij was, vond hij,
zelfs in zijn hele leven zover hij zich herinnerde nog nooit dronken
geweest. Hij dronk graag een glas, dat was waar en sedert hij veranderd
was van werk en gescheiden dronk hij misschien één glaasje meer,
mocht het?
Ja?
Als hij thuis kwam van zijn nieuwe werk, dat hij intens verfoeide,
dronk hij gewoon één glas om te ontspannen na een lange, vermoeiende
en meestal vervelende dag, en terwijl hij zijn eigen maaltijden nu moest
bereiden of opwarmen, dronk hij één aperitiefje vooraf en bij het eten
nog enkele glazen rode wijn en soms maar niet eens altijd nog één glas
sterke drank achteraf, er was niets aan de hand, ik moest me absoluut
geen zorgen maken, hij was geen drankorgel of zo, hij was gewoon een
gezellige drinker en ja, nu dronk hij misschien een klein beetje méér
dan anders maar de problemen met zijn echtscheiding waren er de
oorzaak van, dat wist ik toch?
Ja, dat wist ik maar problemen verdring(k)en met alcohol vond ik een
slechte keuze en dat zei ik hem ook.
En ik mocht evenmin vergeten, ging hij onverstoord verder,
dat zelfs artsen ervan overtuigd waren dat het dagelijks drinken van
enkele glazen rode wijn goed was voor hart en vaatziekten.
Natuurlijk was ik op de hoogte van die overtuiging maar zelf geloofde
ik er niet veel in. Zelf vind ik niet veel goed aan alcohol,
de smaak vind ik, vooral dan die eerste slok, meestal niet lekker,
ik krijg er soms hoofdpijn van of ik word er misselijk van dus blijft
mijn verbruik eerder matig.   

Hij was natuurlijk van jongs af aan een liefhebber van geestrijke
dranken, dat wist ik al van zodra ik hem leerde kennen,
een glaasje drinken was bij zijn ouders thuis een soort automatische
handeling, elke reden of gelegenheid was goed voor een glaasje wijn
of een bel cognac. Zijn vader en moeder keken geamuseerd naar mij
omdat ik bedankte voor elk glas wijn, bier, cognac of jonge klare,
‘de geheelonthouder’, ‘de asceet’ noemden ze mij, benamingen die
ik niet verdiende natuurlijk, zij vonden het zelfs vreemd dat ik ook
voor cola en limonade bedankte.
Zij keken geamuseerd naar een stevige drinker, die kan er nogal wat
verzetten, zeiden ze bewonderend.
Ik daarentegen heb nooit geamuseerd of bewonderend gekeken naar
een stevig drinkende man dus ook niet naar Jan.

Toen hij nog getrouwd was, had hij een wijnkelder,
en daar was hij fier op, het was zijn statussymbool,
ook daar had ik geen bewondering voor.
Zelf drink ik weinig alcohol, eigenlijk hef ik alleen het glas in
gezelschap van anderen op een feest, één glaasje bubbels, of twee,
zal ik niet gauw afslaan, voor de koppijn die ik achteraf misschien
zal krijgen haal ik gewoon mijn schouders op.
Maar zelfs op een feest drink ik niet altijd.
Ik begrijp dan ook niet waarom mensen op een feest raar opkijken
als ze mij met een glaasje water zien rondlopen, met een watertje in
mijn hand vinden ze mij als het ware een stoorzender, terwijl ik vind
dat het is alsof zij alcohol nodig hebben als een soort sociaal
glijmiddel, als een toverdrank die zorgt dat ze in ‘the mood’ geraken,
zo dat ze beter in de groep liggen, dat ze er bij horen.

Met enkele glazen wijn wordt elk verlegen mens een durfal.
Ik zag het ook gebeuren bij Jan, hij durfde veel, veel meer dan ik in
alle geval maar alleen met een glas sterke drank in zijn ene hand en
een sigaret in de andere. Beiden deden wonderen voor zijn
zelfvertrouwen dat van natuur niet zo héél erg groot was,
niet veel groter dan het mijne althans.
Hij zocht natuurlijk veel meer het gezelschap van andere drinkers
dan het mijne, in hun bijzijn  viel zijn eigen gebruik nog mee, dacht hij.

Toen hij dus alleen woonde, zag ik zijn verbruik maand na maand
toenemen, hij dronk vóór, bij en ná het eten en vóór het slapengaan,
een beetje voor de smaak en een beetje uit gewoonte, er zat wat
stressdrinken bij en hij had drank nodig om te kunnen ontspannen,
geleidelijk dronk hij meer en meer, véél te véél dan goed voor hem was.
Hij leefde bijna constant in een alcoholroes,
hij zag er oud uit en niet gezond.
Ik ging hem niet meer opzoeken in zijn appartement, ik wou mezelf
de aanblik van verval besparen, we spraken af in een of ander
restaurant waar ik merkte dat de drank bij de maaltijd hem beter
beviel dan het lekkerste eten.
Heel af en toe, uit oprechte bezorgdheid, bracht ik het gesprek op
zijn overmatig verbruik van alcohol en sigaretten, want hij was ook
nog eens een verstokte roker, hij heeft de tijd niet meer meegemaakt
dat je haast nergens meer mag roken dus pafte hij schaamteloos
de ene sigaret na de andere terwijl de rook rond zijn beneveld hoofd
kringelde nam hij nog een gejaagde, gulzige slok van zijn glas maar
dan wuifde hij, nog vooraleer ik uitgesproken was, al mijn bezwaren
weg. Ik moest me geen zorgen maken, dat was nergens voor nodig,
hij had geen probleem, hij kon stoppen wanneer hij wilde,
maar het toeval wilde dat hij niet stoppen wilde
dus dronk en rookte hij lustig voort.
Dat deed ik dan maar, mij geen zorgen maken bedoel ik.

Denk nu niet dat ik iemand wil bekeren of zo, iedereen mag leven
zoals hij of zij dat wil, maar een probleem kunnen (h)erkennen is
een gave en een eerste stap naar een frisser en energieker leven.

Jan had nooit een probleem, dat maakte hij mij en vooral zichzelf wijs,
hij is een tweede keer getrouwd en een tweede keer gescheiden maar
dat is allemaal al zo ontzettend lang geleden…
Hij is uiteindelijk bezweken aan zijn overmatig drank en tabaksgebruik.

Maar ik wil hem natuurlijk herinneren in goede dagen….



11:05 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

Post een commentaar

NB: commentaren worden gemodereerd op deze weblog.