19-08-17

onaangekondigd...

 

 

Op een dag stond hij onaangekondigd voor haar huis.
Hij had niets afgesproken, hij had haar zelfs geen bericht gestuurd.
Maar toen hij aanbelde en ze de deur voor hem opende was het alsof
ze lang geleden al een afspraak hadden gemaakt om elkaar vandaag
en op dit uur te ontmoeten.
Kom erin, zei ze eenvoudig.
Ze liepen samen haar woonkamer in, de kamer was warm en
uitnodigend.
Terwijl ze koffie zette, keek hij rond in haar huis dat hij zo goed kende
van eerdere bezoeken. Aan het grote raam, zonder vitrages,
dat op de tuin uitkeek en waar nu de hortensia's bloeiden,
stond een kleine tafel met haar tekenmateriaal en een schildersezel
met een onafgewerkte schets. Hij opende haar tekenmap en keek naar
enkele van haar werken, haar tekeningen waren vol energie,
vol krachtige lijnen, sommige tekeningen waren eenvoudig van lijn,
andere zeer gedetailleerd.
Hij deed de map dicht en liep weg van haar tekenhoekje.
Tenslotte was hij hier niet gekomen om haar werken te bekijken.
Hij was moe en in de war maar eindelijk hier te zijn bij haar gaf hem
een rustiger gevoel.
Hij was blij dat hij gekomen was. Het was al te lang geleden.
Het was goed.
Ze kwam terug met een vol dienblad en reikte hem een tas koffie aan
nam voor zichzelf ook een kopje en ging toen aan tafel zitten
recht tegenover hem.
Hij hield zijn tas in allebei zijn handen en dronk van de hete drank,
hij had sedert deze morgen niets meer gegeten en was dankbaar toen
ze een zelfgebakken cake aansneed voelde hij zich plots uitgehongerd.
Waarom was hij gekomen?
Hij begon te vertellen, hij wist dat ze goed kon luisteren,
hij praatte en praatte, hij vertelde haar alles, vanaf het begin,
hij vertelde alles wat hij haar nooit eerder had kunnen schrijven omdat
hij het niet onder geschreven woorden kon brengen.
Af en toe stokte zijn stem in zijn keel, trok hij in een huivering zijn
schouders op en vertelde toen verder.
Zo is het! zei hij tenslotte.
Zo en niet anders.
Ze keek hem aan, reikte over de tafel naar zijn hand en gaf er een
bemoedigend kneepje in.
Ik ben moe, ik ben zo uitgeput...
Ze stond recht, liep naar hem toe, hielp hem overeind en sloeg haar
armen om hem heen.
Hij liet zijn hoofd op haar schouder rusten en vond haar warmte en
steun prettig. Ze streek zijn haar uit zijn ogen in een vriendschappelijk
gebaar. Hij bleef roerloos staan en onderging haar aanraking die
zo natuurlijk leek en genoot van de intimiteit en de ongedwongenheid
die er tussen hen was.
Hij voelde zich opgelucht door haar en door de troost van het gesprek.
Zij was altijd geboeid geweest door zijn aangeboren kracht,
energie en vastberadenheid, nu hoorde ze de echo van zijn eenzaamheid.
Het duurde even voordat hij zijn hoofd weer oprichtte en haar aankeek,
zoende en zijn armen om haar heen sloeg, naar zich toetrok om haar dicht,
héél dicht tegen zich aan te houden.
Ze liepen hand in hand traag de trap op naar haar kamer,
hij kleedde haar uit tot ze naakt was, wilde haar zien, zij ontdeed hem
van zijn hemd en broek tot hij ook naakt was, wilde hem zien...

Later lag ze uitgestrekt op haar rug met haar handen achter haar hoofd,
hij lag op zijn zij naast haar, steunde op zijn rechterelleboog en keek
naar haar. Hoe hij nu naar haar keek kon ze moeilijk zeggen,
zijn ogen bekeken haar lichaam niet langer met wellust maar eerder
met een soort welwillendheid, voldaanheid.
Ze stak nonchalant één bloot been in de lucht en keek ernaar,
ze zag een welgevormd been met een slanke voet, haar teennagels
in een bleke parelmoerkleur gelakt, ze bewoog even met haar tenen en
vroeg zich af wat hij van haar benen vond. Ze wist niet of hij ze fraai vond
of mooi. Wat vond hij trouwens van haar, van haar hele lichaam,
van haar helemaal, hij zei eigenlijk nooit dat hij haar mooi vond,
interessant, sensueel of aantrekkelijk, ze was zijn vriendin, dat wel,
dat zei hij vaak, zijn enige en beste vriendin.
Was dat wederkerig, was hij haar vriend, haar enige en beste vriend,
vroeg ze zich af? Ze wist het niet goed. Hij was in alle geval haar minnaar,
haar enige minnaar en dus ook haar beste minnaar.
Hij was al vijf jaar haar minnaar en ze had veel van hem geleerd,
niet dat hij haar onderwees als een leraar, neen, hij vertelde gewoon
zaken die zij niet wist en die ze onthield omdat ze voelde dat ze misschien
van belang zouden kunnen zijn, voor hem, voor haar of voor later.
Hij wreef met zijn vlakke hand over haar platte buik alsof hij enkele
stofjes wilde wegvegen en liet dan zijn hand rusten op haar geschoren
heuvel, ze voelde onmiddellijk opwinding...
ze legde haar hand op zijn nu slappe penis, hij voelde warm, klam en nat,
nat van zijn zaad vermengd met haar vocht.
Ze verlegde haar benen en voelde hoe het vocht uit haar vagina langs
haar billen gleed, ze wilde geen natte plekken op de lakens dus stond
ze op, liep naar de badkamer en waste zich, droogde zich zorgvuldig af,
hing de handdoek netjes over het rekje, legde een schone handdoek klaar
voor hem, deed een plas en liep terug naar haar kamer,
door de halfgesloten gordijnen kierde het late gouden namiddagzonlicht,
hij sliep zag ze, ze sloot de gordijnen helemaal en schoof naast hem,
trok de lakens over hen beiden en lag nog een beetje na te genieten
en te mijmeren.

Sedert ze minnaars waren, neen, reeds vóór ze minnaars waren,
had hij haar aangemoedigd om weer te tekenen en ze had zich
afgevraagd waarom ze er jaren geleden eigenlijk mee was gestopt.
Ze tekende graag en niet onaardig, dus, nadat hij enkele keren had
beweerd dat hij altijd had gehouden van haar tekenwerk,
had ze een hoekje van de keuken vrij gemaakt, potloden en papier gekocht,
haar ezel van de zolder gehaald, kortom ze had zich geïnstalleerd en
ze was opnieuw begonnen, over haar eerste pogingen was ze niet te
spreken, vond dat het op niks trok maar na een week lukte het haar
al aardig en wat belangrijk was, ze had er weer plezier in.
Waarom schrijf je geen boek?
Je zou net als ik een boek moeten schrijven, zei hij vaak,
ik geloof vast en zeker dat je dat kan als je maar wilt.
Maar ze twijfelde, zag zichzelf niet hele dagen gedisciplineerd aan haar
schrijftafel zitten verhalen schrijven en trouwens,
een verhaal is nog geen boek.
Eens had ze zichzelf voorgenomen om een kunstwonder te worden,
ze was toen natuurlijk nog jong en naïef, nu was ze ouder en een beetje
minder naïef, maar ze begreep dat nu ze met plezier tekende en verhalen
schreef wat geenszins wilde zeggen dat ze bekend of beroemd zou worden.
Maar stel... stel dat ze ooit, vroeg of laat naam zou maken in de
kunst-of literaire wereld dan zou ze altijd zeggen dat ze haar naam en
faam aan hem te danken had.
Dat hij haar met zijn enthousiasme had geprikkeld.
Zonder zijn aanmoediging zou ze er nooit opnieuw aan begonnen zijn.
Het was zijn verdienste, gedeeltelijk althans.
Hij hield natuurlijk haar hand niet vast terwijl ze tekende en hij dicteerde
haar geen verhalen die zij dan opschreef, dat deed ze allemaal zelf
maar hij had haar, bij manier van spreken, de weg gewezen,
gesupporterd aan de zijlijn...

12:13 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.