04-07-17

"Ik schaam me voor mijn gedrag dat grenst aan stalken, maar kan het niet helpen"

Corine Koole

Mila (21) denkt veel na over de ware. Over hoe hij haar ziet. Begrijpt. Aanraakt. Maar alles speelt zich af in haar hoofd. In het echte leven gebeurt er helemaal niks. Ze is het fantaseren zat. 

"Ik heb in mijn leven drie keer gezoend met een jongen. Twee keer toen ik zestien was en een keer vier jaar later, maar die laatste keer stelde al helemaal niks voor. Op het eerste gezicht ben ik een vrolijke studente, ik houd van dansen, ik maak grapjes, als het zo uitkomt met onbekenden, maar als ik een jongen leuk vind, sla ik dicht. Op een of andere manier lukt het me dan niet meer gewoon te doen of hem op een natuurlijke manier te benaderen."
 
“Dat was al zo op de middelbare school. Ik heb twee jaar gefantaseerd over een jongen uit een andere klas die ik alleen maar elke dag bij de ingang zag staan praten met zijn vrienden. Ik deed niets om echt in contact te komen, keek hem niet eens aan, ik liep alleen maar voorbij, mijn haar precies zoals het moest zitten, mijn make-up nog net daarvoor snel bijgewerkt in het scherpe licht van de damestoiletten. En telkens hoopte ik dat hij zou denken: hey, daar heb je dat meisje weer, haar wil ik leren kennen, maar dat gebeurde natuurlijk nooit. In de meest onbenullige details zag ik bewijzen dat hij me leuk vond, als we bijvoorbeeld in een grote groep volleybal speelden en hij net iets vaker of harder naar mij de bal gooide, wist ik zeker dat de belangstelling wederzijds was."

“En waar ik op school niet eens oogcontact zocht, begon ik eenmaal thuis, hem te bestoken met berichten. Ik zocht alles over hem op, op Facebook en waar dan ook, begon over mezelf te vertellen. Hoe ik me voelde, wat ik deed. Maar hij reageerde dan nauwelijks, of met typisch jongensgedrag: spaarzaam en een beetje bonkig. De dagen erna las en herlas ik wat ik hem geschreven had. Alle oog ook voor de realiteit verloren, analyseerde ik mijn boodschappen, om erachter te komen waarom hij lauw of helemaal niet had gereageerd. Ons contact speelde zich uitsluitend af in de beslotenheid van mijn hoofd en slaapkamer." 

"Ja, een keer maakte ik mee dat ik in zijn buurt een aanval van hyperventilatie kreeg en dat hij later een berichtje stuurde: ‘Hoe gaat het nu met je?’ En weer laaide de hoop op. Dat ik hem toen allang met een meisje in de gangen had zien staan, hield me niet tegen. Wacht maar, dacht ik, als ik maar gewoon blijf langslopen, denkt hij op een goede dag vanzelf: dat blonde meisje in die leuke kleren is veel leuker dan mijn vriendin."

“Nu ik 21 ben, is er niet veel veranderd. Vriendinnen vertellen me dat ze gezoend hebben en met jongens naar bed zijn geweest en gaan ervan uit dat ik hetzelfde meemaak, maar ik ben ’s avonds meestal gewoon thuis op mijn kamer in het studentenhuis waar ik woon, beetje op mijn laptop, beetje boeken lezen. De vriendengroepen waar ik deel van uitmaak, zijn zo divers en groot dat iedereen in de veronderstelling is dat ik de avonden dat ik niet met hen ben, met anderen hang. Ze hebben geen idee. Ik kom een vriendin tegen die zegt: ‘Wanneer gaan we nou weer eens uit?’ en we maken een afspraak, maar soms wordt die belofte helemaal niet ingelost en lijkt de intentie elkaar te willen zien al genoeg om de vriendschap in stand te houden."

“Afgezien van het feit dat het veilig is, op afstand fantaseren, maakt het me soms een beetje eenzaam. In gedachten heb ik vaak al van alles gedaan met zo’n jongen, zonder ook maar een blik te hebben gewisseld. Soms weet hij nauwelijks wie ik ben. Toch verlang ik naar zijn erkenning. En dan heb ik het niet eens over liefde of seks, maar veel meer over een existentiële behoefte gezien te worden. Ik zoek bij hem een bewijs dat ik ertoe doe, dat ik besta bijna, ook al klinkt dat misschien in de oren van anderen nogal schraal." 

“Ik schaam me voor mijn belachelijke gedrag dat grenst aan stalken, maar kan het niet helpen en blijf me voorstellen hoe het is als we eindelijk samen zijn, zijn luisterend oor, de gesprekken die we hebben, hoe hij mij begrijpt. Onzichtbaar voor mijn familie en vrienden, wordt mijn hele doen en laten bepaald door ongemak en angst, het onvermogen gewoon te ontspannen als het erop aankomt. Dat verkrampen en die verlegenheid leiden tot perioden van depressie en een minderwaardigheidsgevoel. Ik ga soms wel uit en dans dan, maar de lach om mijn mond is niet echt, mijn lippen trekken, ik kijk naar al die vrije mensen om me heen en als ik thuiskom, voel ik me leeg en moe."

“Hoe kan het dat iedereen gewoon op een leuke jongen durft af te stappen en ik niet, dat de vrees om afgewezen te worden zo alles bepalend is? De jongens op wie ik val, zijn niet bepaald initiatiefnemers maar juist bescheiden, beetje mysterieus, afstandelijk, dat maakt het extra gecompliceerd. Ik wil zo graag met een van hen eens gewoon simpelweg plezier hebben, zonder piekeren, zonder nadenken. Met mezelf samenvallen, mezelf leuk vinden zoals ik ben."

“De laatste maanden gaat het iets beter. Kleine sociale succesjes geven me een schop onder mijn kont. Laatst had ik een geweldige ongedwongen avond met een heel goede vriendin. Ik dwing mezelf meer met mijn huisgenoten af te spreken, samen te koken bijvoorbeeld, al kost me dat onevenredig veel energie. Maar nu ik 20 ben geweest, merk ik dat mijn verlangen gezien te worden zich verplaatst en uitbreidt naar de behoefte om aangeraakt te worden. Niet dat ik per se een relatie wil, maar ik ben wel nieuwsgierig naar wat liefde en intimiteit mogelijk inhouden. Intussen onderneem ik nog steeds niks en wacht af tot het op een dag allemaal vanzelf gaat, zo’n ontmoeting, het praten, het zoenen. Tot zo’n jongen dan, als allereerste en enige, ziet hoe ik werkelijk ben, zonder mijn masker van terughoudendheid.”

08:54 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

Post een commentaar

NB: commentaren worden gemodereerd op deze weblog.