07-03-17

"Ik gaf haar niet eens de kans om tegen te vallen, want ze bestond voornamelijk in mijn hoofd"

Corine Koole

Dat Hans (49) zijn vrouw leerde kennen via bemiddeling van haar broer, is niet iets eenmaligs. In de buurt van het andere geslacht lijkt hij vast te lopen. Maar nu zijn vrouw hem heeft verlaten, moet hij wel weer zelf aan de bak.

"In de buurt van vrouwen ben ik al mijn hele leven ­verlegen. Op de middelbare school was ik soms lang ­verliefd op een meisje, zonder dat ik haar iets durfde te ­zeggen, en tegen de tijd dat ik eindelijk alle moed bijeen raapte, en haar in de fietsenstalling aansprak, waren mijn gevoelens zo enorm dat haar luchtige afwijzing voelde als een genadeklap.

'Na 12 maanden in mijn eentje dromen over samen kamperen en vrijen, dacht ik, nu is het klaar en besloot haar toch alles te vertellen'

“Eén meisje herinner ik me nog heel goed. Ik was een jaar of 16 en in stilte gek op haar. Tijdens een speurtocht op school pakte ze plotseling mijn arm. En hoewel ik genoot van die hand op mijn arm, bevroor ik, liet ik niets blijken van mijn verrukking. Na een paar seconden was het moment voorbij en verdween die hand zoals die gekomen was: zonder aankondiging, zonder betekenis. Mijn verliefdheid intussen, werd heviger en heviger. Zolang ik nog niet officieel was afgewezen, lagen alle kansen nog open. Een vriendin van haar zag het aan me, en waarschuwde me. Maar na 12 maanden in mijn eentje dromen over samen kamperen en vrijen, dacht ik, nu is het klaar en besloot haar toch alles te vertellen. Ze ­reageerde heel aardig, maar ook stellig. Met een aai over mijn hoofd liet ze weten dat ik een goed mens was, maar dat er niet meer in zat tussen ons.

“Ik werd ouder, ging studeren, maar ontspannen werd ik niet. Het nonchalant aftasten, een keer wat gaan drinken, al die rituelen die doorgaans bij anderen vooraf gaan aan het echte verliefd worden: het lukte me niet. Toen niet en nu ik bijna 50 ben, nog altijd niet. Ik ben een allesbehalve teruggetrokken man, maar in een kamer met een vrouw op wie ik verliefd ben, verstar ik tot een stotteraar met een bonzend hart. Tussen mijn twintigste en mijn vijfentwintigste heb ik veel over mijn wonderlijke verlegenheid gesproken met de zus van mijn vriend. Bij haar kon ik wel mijn hart uitstorten, want op haar ben ik nooit verliefd geweest.

Ik zei tegen hem: ik ben verliefd op je zus, en meteen de volgende dag hing mijn toekomstige vrouw aan de ­telefoon'

“Op mijn zesentwintigste leerde ik mijn vrouw ­kennen dankzij de bemiddeling van haar broer. Ik zei tegen hem: ik ben verliefd op je zus, en meteen de volgende dag hing mijn toekomstige vrouw aan de ­telefoon. Ze bleek een voortvarend type dat meteen alle initiatieven naar zich toe trok en ik liet mij graag op sleeptouw nemen. We trouwden, kregen drie kinderen en waren 20 jaar samen toen zij verliefd werd op een oude schoolvriend en mij achterliet met de kinderen van wie de jongste vier was. De jaren die volgden heb ik gewijd aan mijn werk en het vaderschap. Een soort ­overleven was het en pas vorig jaar werd ik opnieuw ­verliefd, op iemand die met mij in het bestuur van de sportvereniging zit. Een vrouw met een zachte, lieve stem, die als ze de telefoon opneemt, bijna fluistert.

“En weer begonnen de hersenspinsels die mijn ­verliefdheden plegen te begeleiden. Het in de auto naar huis fantaseren over alles wat we samen zouden doen als ze de mijne was. Met vakantie gaan, vrijen, avonden lang praten in cafés. Tijdens een borrel eind vorig jaar hebben we een half uur samen gesproken alsof er behalve wij tweeën niemand in de kantine stond. Ze vroeg naar mijn kinderen, hoe ik het allemaal voor elkaar kreeg, die zorg en een fulltimebaan. Een andere man zou haar dan hebben gevraagd of ze na afloop iets met hem wilde gaan drinken. Maar dat durfde ik niet.

Fluisterende stem

'Ik rijd straks met mijn auto naar het park, zoek daar een bankje uit waar ik ongestoord mijn gevoelens uit de doeken kan doen'

 

“Een nadere kennismaking bleef uit, en door het gebrek aan een deugdelijke toetssteen voor mijn fantasie, nam mijn verliefdheid opnieuw enorme proporties aan. Ik gaf haar niet eens de kans om tegen te vallen, want ze bestond voornamelijk in mijn hoofd. Ik dacht dag en nacht aan haar, ook al zagen zij en ik elkaar ­buiten die sportvereniging nooit, en gingen onze gesprekken daarbinnen veelal over onpersoonlijke bestuurlijke zaken. Telkens als ik haar iets wilde vragen, over de ledenadministratie bijvoorbeeld, was er net iemand anders in de buurt en werd ik zo zenuwachtig dat ik niets spontaans over mijn lippen kreeg. Die ­nervositeit ebde dan wel na vijf minuten weg, maar zo lang duurden onze gesprekken vaak niet eens. Een keer wilde ik haar een compliment geven, over hoe ze iets had aangepakt, maar toen het zo ver was, zei ik snel wat ik te zeggen had en liet het moment waarop ik haar mee had kunnen uitvragen, zomaar voorbij gaan. Wel lachte ze naar me, en daaruit putte ik weer nieuwe hoop.

“Een maand geleden ongeveer, stond ik op een avond te koken voor mijn kinderen en ineens dacht ik: weet je wat, ik ga haar gewoon bellen. Ik rijd straks met mijn auto naar het park, zoek daar een bankje uit waar ik ongestoord mijn gevoelens uit de doeken kan doen. Ik was ineens erg opgetogen en naarmate de avond ­vorderde, raakte ik steeds meer overtuigd van de juistheid van mijn besluit. Natuurlijk, dit was wat ik moest doen, haar vragen wat ze van mij dacht en toen ik later in het park haar nummer intikte, verdween naast alle schroom ook mijn nervositeit.

“Ze nam op met die fluisterende stem. Stoor ik, vroeg ik. Welnee, antwoordde ze verbaasd. En ik vervolgde: ik moet je iets zeggen, als wij een op een zijn, dan voel ik veel meer voor je dan alleen sympathie en vriendschap. Toen ik uitgesproken was, bleef het stil. Toen zei ze: ‘Ik heb net een nieuwe relatie, het is nog vers, niemand weet er nog van.’ Of ik een half jaar eerder, tijdens de kerst­borrel, nog wel een kans had gemaakt, vroeg ik niet. Dat zou zinloos zijn geweest. Zij was aardig en stelde voor om als vrienden iets te gaan drinken. Dat hebben we gedaan en het was fijn. Maar het zal nog wel even duren voor mijn verliefdheid gesleten is.”

20:25 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.