13-12-16

Zestigers: Eindelijk Uit de Kast!

Corine Koole interviewt over de raadselen van passie en affectie.

Na de schok van de dood van haar man, probeert Tessa (63) opnieuw de draad van haar leven op te pikken. Of beter: gewoon volop te leven.

"Het was zomer 2014, een mooie avond. We hadden ons net moed ingedronken met een kop koffie aan de rand van het bos en ik merkte dat ik draalde. Meer dan dertig jaar was ik getrouwd geweest toen mijn man geen andere mogelijkheid zag dan een einde aan zijn leven te maken. Wij hadden samen altijd een kalm leven gehad, met werk, kinderen, nooit iets buitensporig's, en ineens was hij er niet meer."

"Na de grootste schok van een aantal maanden, begreep ik een jaar later dat er maar een ding op zat: als ik niet ook wilde sterven, geleidelijk en verdoofd, of eigenhandig, dan moest ik gaan leven. Echt gaan leven, misschien wel voor het eerst. Ik zou keuzes moeten maken die ik nooit eerder had durven maken omdat ik de helft van een twee-eenheid was, waarbij alle besluiten gezamenlijk werden genomen. Om mezelf te laten zien dat ik de moeite waard was, zou ik opnieuw moeten uitvinden wat ik prettig vond om te doen. Ik ging skiën, ik ging het huis verbouwen en schreef me in op een datingsite."

 Waarom terughoudend zijn, na alles wat ik had meegemaakt? 

"Met de eerste man die reageerde, sprak ik af. Hij was een weduwnaar. Ik had verwacht dat ons gesprek wat stroef zou verlopen, maar dat viel mee. Het verbaasde me hoe makkelijk je met een vreemde een eind weg kunt kletsen. We spraken over onze kinderen, hij sprak over het verdriet om zijn vrouw en hij wilde seks. Dat ging te mij te ver, ik wilde me verwarmen aan zijn gezelschap, niet per se aan zijn lichaam. Maar toen ik kort daarop jarig werd, en daarin het zoveelste bewijs zag dat ook mijn leven eindig is, besloot ik toch op zijn voorstel in te gaan. Waarom terughoudend zijn, na alles wat ik had meegemaakt?"

"Ik belde hem en daar liepen we nu. In de schemering over krakende takjes van een Brabants landgoed waar hij vaak had gewandeld met zijn echtgenote. We hadden gewacht tot het een beetje donker werd, zodat we niet alles van elkaars oudere lichaam hoefden te zien. Hij droeg een rugzakje met onder andere een keukenrol. Ik had een tas bij me met een plaid, een bakje kerstomaatjes en een flesje wijn. Het was vochtig in het bos, dus was het zaak om net als vroeger tijdens het kamperen met ons koepeltentje, een plek te kiezen waar het iets hoger was dan de omgeving en waar de grond niet al te veel oneffenheden vertoonde. Hij liet mij kiezen, het duurde even voor ik de juiste plek gevonden had. Wat zouden mijn al lang overleden ouders zeggen als ze me nu zagen, schoot door me heen. En mijn kinderen? Aan mijn overleden man dacht ik niet, dat kon ik niet."

"Ik keek met andere ogen naar mezelf. Een 63-jarige weldra halfnaakte weduwe met een 65-jarige weduwnaar. Ik vond mij dapper. In de winter was ik zo intens bang geweest dat ik het in mijn eentje niet zou redden, en kijk nu eens. Ik ging op mijn buik liggen. Deels uit schroom, deels uit angst betrapt te worden, deed ik mijn slip en harembroek niet helemaal uit maar stroopte die af tot mijn enkels. Het simpele T-shirtje erboven hield ik aan. Hij kwam op me liggen en drong in mij. Ook hij had zich niet volledig ontkleed, als ik het me goed herinner."

Ik kreeg ineens iets trots over me, alsof ik gedaan had wat iedereen voor mij al veel eerder had gedaan, alsof ik er nu bij hoorde. 

"Toen het klaar was, dacht ik: nu heb ik weer voor het eerst seks gehad. Het voelde als een mijlpaal, een tweede ontmaagding. Ik kreeg ineens iets trots over me, alsof ik gedaan had wat iedereen voor mij al veel eerder had gedaan, alsof ik er nu bij hoorde. Een puber. Zoals die zich los wriemelt van haar ouders, zo probeerde ik mijn zelfstandigheid te herwinnen. Om verder te kunnen, moest ik deze klus klaren en nu het gebeurd was, was ik opgelucht."

"Op de terugweg naar zijn auto liepen we achter elkaar aan over het smalle, donkere pad. Hij voorop, zijn arm hield hij gestrekt naar achteren, om te voorkomen dat ik zou struikelen, hield hij mij vast. Ik voelde me lichter dan ik me in lange tijd had gevoeld. Tijdens het zoeken naar een geschikt plekje tussen de heistruikjes, had ik soms wat gelachen en had hij zich een beetje verbaasd afgevraagd of ik hem uitlachte. Maar ik schudde snel mijn hoofd, mijn lach had nog minder met hem te maken dan met de seks die erop volgde. In de auto kletsten we nog wat, geen idee meer waarover en toen we in de buurt van mijn huis kwamen, vroeg ik hem te stoppen bij het busstation. De buren mochten niet zien dat ik uit een vreemde auto stapte, ze zouden zich zorgen maken en gaan kletsen. Na die ontmoeting heb ik hem nog een paar keer gezien, ik was blij voor hem toen hij op een dag vertelde dat hij een nieuwe vriendin had gevonden, een vrouw die met hem naar musea wilde, en dagjes uit."

"Zelf ben ik te druk met mijn werk en met mijn volwassen kinderen en te zeer ingenomen met die nieuwe lichtheid om mij meteen weer aan iemand te willen uitleveren. Misschien nog een halfjaar, een jaar, dan ga ik op zoek naar een nieuwe liefde. Tot die tijd blijf ik - nee, misschien is puber niet het juiste woord. Ik ben de adolescent die straks, toegerust met allerhande ervaringen het leven verder gaat ontdekken. Of er die avond in het bos nu wel of geen hartstocht was, doet er niet toe. Het was de rush van het gevaar, of liever van de roekeloosheid die mij weer tot leven bracht. Ik had weer seks gehad. Mijn man is dood maar ik leef."

08:17 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.