09-09-16

"Eigenaardige" neigingen.....

Onlangs nog droomde ik van ne hele hoop schone meiskes die vriendelijk en welgezind ter beschikking stonden van de "Banco Do Brasil", de grootste publieke bank van Brazilië, allemaal op een rijtje dansend, net zoals in de Moulin Rouge, hun benen hoog op en neer zwaaiend om geniepig 't een en 't ander te kunnen laten zien doorschemeren en daarna toch nog bekwaam de klanten van de bank zorgvuldig te bedienen, alle soorten van aanvragen vervullend en er ook absoluut niet terug voor deinsden de mannen zelfs persoonlijke gunsten te verlenen, zonder de minste twijfel daarover en dat, met de grootste goesting en gretigheid. Geregeld stond ik dus daar, in en rond de bank, de eerste plaats van de rij innemend (want tweedehands materiaal is nooit mijn sterk punt geweest) en eenmaal de "ingangen" ter beschikking gesteld, "hem" erin en vervolgens "hem" er terug uit te doen schuiven, zonder vrees en ook zonder angst om gelukkig te zijn, terwijl ze één been omhoog zwaaiden en vervolgens datzelfde been naar omlaag zwierden, wat een bijzonder heerlijk klemmend gevoel veroorzaakte op "hem" en me deed denken aan een pollepel die in de "karnemelk"-pap aan het roeren is... Niemand klaagde van deze eigenaardige situatie, zelfs de aanwezige vrouwen niet, die het eerder normaal vonden en volmaakt aangepast aan de huidige concurrentiestrijd tussen de verscheidene banken, publieke en private, alhoewel ik dat zelf wel een tikkeltje teveel en overdreven achtte, maar als het nu eenmaal zo is, waarom zou juist IK de heilige moeten uithangen..?

Dat als inleiding om een suggestie tegen te spreken vanwege mijn jongere broer die (om mij te pesten) geregeld beweerde dat ik homoseksuele neigingen in de grond van mijn hart en ook in mijn ziel, bewaarde. Nochtans heb ik nooit "dokter" met hem gespeeld en wel "kruiwagentje", wanneer ik hem vroeg zijn gebit als een maai-machientje te gebruiken, terwijl ik hem, omgedraaid, onder zijn enkels vast hield en vooruit aanmaande te strompelen op zijn plat uitgestrekte handen, over het tapijt in de woonkamer. Dat ik daardoor zijn poepgaatje, af en toe, in de gaten kreeg, is absoluut geen bewijs van nietenmedalle, zelfs niet wanneer het pinkte van de inspanning.

Als ik dan zelf vaststel dat ik alleen maar over meiskes droom en nooit over mannen, dan betekent dat dan toch dat ik, ook in mijn onderbewustzijn, daarvan geen last heb?

Ik beken echter wel dat ik verscheidene keren "eigenaardige" ondervindingen beleefd heb, gedurende mijn studentenleven in Roeselare en in Oostende.

In dezelfde volgorde zoals ik ze eerder al eens, oppervlakkig, heb vermeld in deze blog, gaan hieronder enkele voorbeelden daarvan:

- op de speelkoer in de Vakschool van Roeselare toonde ik graag hoe moeilijk het wel was om mij (in het algemeen, lichamelijk en geestelijk) omver te werpen. Integendeel, alhoewel ik nooit judo had gestudeerd, beschikte ik over enkele speciale grepen in mijn voorraad "vechtartikels" die andere jongens over mijn heup en over mijn schouder deden tuimelen. Een zekere slungelachtige jongen (die nooit mijn beste vriend is geweest) daagde mij regelmatig uit om die speciale greep op hem uit te oefenen. Ik stemde daar uitbundig mee in, maar voelde tegelijkertijd dat hij met een "boner" te kampen had, elke keer dat hij zich over mijn heup liet slepen en daar opzettelijk wat bleef haperen en treuzelen, zodanig dat ik verkoos een andere greep te trainen op hem, maar dan wel over ZIJN rug heen, in plaats van over de mijne. Enfin, ik begreep, min of meer, wat er gaande was tussen zijn benen, van voren en ook van achteren, maar ik verkoos de rollen om te keren, zodanig dat ik dáár, WAAR HET ALLEMAAL OM GAAT, voor eeuwig maagd zou blijven zijn en werkelijk gebleven ben, uitzondering gemaakt voor de lenige vingers van Dr. Coupez, in Gent, die af en toe op zoek is geweest naar eigenaardige bultjes;

- gedurende diezelfde jaren nog was ik werkelijk "geestelijk aangedaan geweest" (om het zo maar ineens vlakaf te uiten) door een blijkbaar gezonde en altijd blozende zoon van een boer vanuit de omstreken van Licht-ter-velde (waarvan ik mij de naam niet meer herinner, ongelukkig genoeg), maar het betrof zich eerder om een platonische verhouding dan om een seksuele voorkeur, net zoals waarschijnlijk ook het geval is geweest met mijn eigen zoon, wat ik heb kunnen vaststellen in een foto waarin ze beiden, aan de zijde van een knap meisje in Rio De Janeiro, plaats hadden genomen en haar allebei een kus op de wangen toedienden. Uiterst verbaasd herkende ik onmiddellijk hoe ze alle twee, mijn eigen klasmakker van indertijd en de vriend van Rudo Jr., zo verschrikkelijk en zelfs ENORM veel op elkaar geleken. Zou dat inderdaad louter toeval geweest zijn, of was dat allang geleden gepland geweest door mijn verraderlijke speel-geestige engelbewaker?;

dyn010_original_532_271_pjpeg__351b8d54932f71acb260c3ec8202017e.jpg

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

- toen ik eens, al in Oostende studerend en zonder een roste frank in mijn zak (dagelijkse kost), besloot naar huis te "liften" op de autosnelweg Oostende-Brussel, stopte er een Franstalige Brusselaar, die mij na enkele weinige minuten, in het Engels, stomweg mededeelde: "I would like to go to bed with you". Op datzelfde ogenblik en verschrikt van de verrassing, heb ik hem meteen geboden te "fring'n", aankondigend dat ik verder wel mijn eigen plan zou weten te trekken. Hij heeft me uit laten stappen aan de eerste de beste afrit en ik herinner me zelfs niet meer hoe ik verder thuis ben geraakt. Maar met hem geslapen, nee, dat heb ik niet gedaan, diene gemene fransquillion, altijd gereed om de Vlamingen te pesten of, als 't kan, "eigenaardige" daden op hen te plegen....

Nog een andere keer, in Brazilië al, heb ik, op deze blog, een uiterst eigenaardig geval verteld, met meer details:

"....van de oudste zuster van mijn eerste vrouw gesproken, ze was getrouwd met de zoon (Marcelo) van een rijke boer van de streek. Belangrijke ambtenaar van het plaatselijk kantoor van de “Banco Do Brasil” en gierig zoals ik, hadden we een gemeenschappelijke droom: ons onze eigen boerderij aan te schaffen in de streek van de stad Santo António de Pádua, in het binnenland van de Staat van Rio De Janeiro en daar koeien en kalfkes te kweken en te verhandelen. Zo geraakten we soms in diepe hoopvolle gesprekken, terwijl we met ons tweeën, één half simpel gebraden kiekentje opvraten in een dichtbij gelegen café. Drank, onvermijdelijker-wijze, was er altijd en in overvloed bij. Omdat we het uur wat uit het oog hadden verloren, nodigde mijn schoonzuster ons uit om bij haar, in de woonkamer van haar appartement, op de vloer, de nacht door te brengen. Toevallig was daar ook een vriendin van haar, van Niteróí (een strandstad juist vóór Rio gelegen), ongehuwd maar toch met een zoontje van een jaar of twaalf, plus een vriendje van hem, misschien dertien. Men besloot alle vrouwen in de enige slaapkamer te verzamelen, terwijl de twee mannen en de twee jongetjes, de woonkamer zouden betrekken. Mijn schoonbroer, groot maar uiterst tenger van gestalte, lag dicht bij de muur; dan ik, ook op de vloer en dan de twee jongens, samen op een min of meer brede sofa, aan de andere muur. Wat de verhouding betreft tussen die twee jongens, er was mij niets speciaals opgevallen, tot op dat ogenblik toch, maar die jonge vriend van de zoon van die vriendin had me erg lang en bewust de gehele avond zitten aanstaren. Het duurde niet lang vooraleer ik diep in slaap geraakte, bevorderd door de vele pintjes. Ik lag op mijn zijde, naar de rug van mijn schoonbroer toe gedraaid, maar op een veilige afstand natuurlijk. Ik moet eerlijk bekennen dat ik af en toe wel eens, onvrijwillig, met een half-harde, of zelfs met een hele harde piemel, midden in de nacht wakker wordt, maar deze keer was het vroeger gebeurd dan gewoonlijk. Die ene jongen, vriendje van dat zoontje, was naar beneden van de sofa gezakt, was naast mij, gehurkt, op zijn knieën gaan zitten en had, gebogen over mijn rug heen, zijn hand door de gulp van mijn onderbroek kunnen prutsen, waar hij teder snakkend, met mijn harde lul aan het spelen was. Was het een vrouwmens geweest, dan nog zou ik mijzelf een bult verschoten hebben, maar een jongen? Ik sprong direct recht, pakte mijn neergezakt laken mee en streefde, zonder één woord te zeggen, om geen schandaal te verwekken, naar de keuken, sloot de deur achter mij en probeerde, nog verdwaasd, na enkele minuten, terug in slaap te geraken. Ik stelde echter met ontzetting vast dat, moest er geen sleutel geweest zijn aan die deur, die jongen het niet zou opgegeven hebben. Het duurde minder dan vijf minuten vooraleer hij aan de klink begon te wriemelen. Hij had natuurlijk gedacht dat ik me opzettelijk had afgezonderd in de keuken om het gemakkelijker voor hem te maken. Het duurde nog eens vijf minuten vooraleer hij begreep dat ik niet van plan was op mijn beslissing terug te keren. Geloof me, zoiets had ik nog nooit meegemaakt. Geen twijfel dat het zoontje van die vriendin, later, ook een homofiel is geworden." 

Leon Goedgeluk
 
Bewaar me van zo een schepsel, lieve God.

08:28 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.