17-05-16

mijn vriend...de schrijver...(4)

 

Ik moet afkicken van jou, zegt mijn vriend de schrijver, 
nadat hij enkele dagen bij mij heeft doorgebracht,
van je uitnodigend warme bed, de weldadige plattelandsrust,
het diepzinnige gepraat en ons luchthartige gelach…
en de volgende dag neemt hij het vliegtuig en
vertrekt naar een of ander ver buitenland.

De wereld is zijn dorp, mijn dorp is mijn wereld.

Waarom schrijf je geen boek, vroeg mijn vriend de schrijver
een hele tijd geleden, je schrijft goed en het betaalt goed.
Ik herinner me nog die woorden, zijn andere ook natuurlijk.
Ik vind het nog steeds een fenomenaal slecht plan en
toch schrijf ik al een hele week elke dag urenlang geconcentreerd,
want zo moet het zegt mijn vriend de schrijver,
aan iets wat misschien ooit een roman of een boek zal worden.
Vandaag wil het niet vlotten en moedeloos laat ik mijn handen
op het klavier van mijn laptop vallen,
een hele boel ongecontroleerde letters, tekens en cijfers
verschijnen op mijn scherm, het lijkt wel braaksel.

Koortsachtig ben ik sedert zijn vertrek begonnen met schrijven,
nu lees ik wat ik geschreven heb en wis het,
ik moet toegeven dat ik het niet kan,
mijn pogingen zijn onhandig en ongedisciplineerd,
de verhaallijn ontglipt mij en mijn personages
hebben een zwak karakter.

Ik wil eigenlijk helemaal geen boeken schrijven,
niet over echte mensen en ook niet over gefantaseerde helden,
ik wil alleen maar korte of lange brieven schrijven naar
mijn vriend, mijn schrijver.

En vandaag wil ik alleen maar aan mijn liefste schrijver denken,
aan zijn grijze, dikke haardos,
zijn verrassend pientere ogen,
zijn flink postuur…
Ik stel me voor hoe ik met een vinger vanaf zijn haargrens
over zijn gezicht glijd,
langs de denkrimpels in zijn voorhoofd naar omlaag
over de glooiing van zijn karakteristieke neus
naar de fijne lijntjes rond zijn brede, wellustige mond.
Ik verlang ernaar om mijn gezicht in zijn hals te leggen
en de geur van zijn huid,
die ondefinieerbare geur die niets te maken heeft
met wasmiddelen of cologne of aftershave, in te ademen.
Met mijn tong langs zijn sleutelbeen strijken, hem proeven…

Ach…ik moet ophouden.
Ik ben bezeten van die man.
Mijn obsessie is ondraaglijk.
Hij ondermijnt mijn concentratie,
broodnodig om echte verhalen of serieuze boeken te schrijven,,
die altijd al twijfelachtig was.
Ik moet hem uit mijn hoofd zetten.

Moet ik?
En hoe kan ik dat nu ik niets anders doe dan mijmeren over
hoe hij me zal zoenen als hij uit dat verre buitenland terug komt...
geen vriendschappelijke zoen maar een lange, tedere,
tongzoekende zoen waarvan mijn huid begint te tintelen
en mijn onderbuik vol verlangen samentrekt...
hoe hij mij het gevoel zal geven dat ik een bekoorlijke godin ben
die door hem in vuur en vlam wordt gebracht...
hoe we zullen draaien en kronkelen in elkaars armen
en, niet afgeschrikt door onze leeftijd, zullen vrijen met
een hartstocht die nieuw en toch vertrouwd aanvoelt...
minutenlang zullen we zweven in een euforie...
later zullen we in slaap vallen,
hand in hand...


 

14:10 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.