01-12-15

Eigenaardige bollekes, verbonden door een koordje....

Nogmaals is mijn beste schrijfvriendin erin geslaagd mij te doen (schater)lachen met haar terechte opmerking: "Telkens je mij schrijft, zie ik die twinkeling in je ogen, ook de pretlichtjes en je mondhoeken die trillend een onderdrukt grijnslachje trachten binnen te houden terwijl je de spot met mij drijft". Dat is perfect uitgedrukt. Zo ben ik, van binnen en van buiten. Mijn broer, haar weliswaar tegensprekend, zweerde dat ik de uitdrukking heb in mijn ogen en op mijn aangezicht, van een dode vis. Hij hield werkelijk echt veel van mij. 

Zou ze echter bereid zijn  geweest het woord "spot" te vervangen door "inwendig genoegen", of zelfs "ontoombare leute", het zou nog beter omschreven zijn. Goed opgemerkt en samen met de beschrijving "onstuimig" een uitstekend beeld van mijn manier van doen betekenend, zonder in achting te nemen mijn smalle schouders die, gelijkaardig en evenredig vergelijkend met het figuur van een vrouw, naar een kleine boezem verwijzen. Ik heb daar geen last mee, niet met het ene en ook niet met het andere, maar breed geschouderd zijn is mannelijker, heb ik altijd gedacht, terwijl "klein geschapen", op iets anders zinspeelt. Alles bij alles opgeteld en samen vermenigvuldigd, is goed geschapen, eigenlijk veel beter dan breed geschouderd, zodat de klein geschapen en toch breed geschouderde mannekes, eigenaardig genoeg, de vrouwen niet op stang jagen. Tenzij om er mee rond te wandelen op de zeedijk van "De Haan". 

Dan verkies ik toch een ijskoud pintje te zitten opslurpen op het terrasje van de Vagant, in de omstreken van het Polenplein van Roeselare, de vieren al gepasseerd, gedurende een zomerse zondag, samen met mijn liefste vriendin, die niet talmt, onder het tafellaken, beslag te leggen op haar buit en bult. ´t Is een uiterst geschikte manier om schichtige blikken op te vangen, vooral van de voorbij passerende oude meetjes en peetjes, op weg naar de biechtstoel in de Kerk daar dichtbij, die daarna een hele week lang tijd zullen hebben om hun venijn te destilleren en uitvoerig over deze ontdekking, met hun geburen, ook oude meetjes en peetjes, te roddelen. Ikzelf zou een onpersoonlijk terrasje verkiezen in de Langestraat van Oostende, vanaf de vroege avond dan nog, tot dicht bij middernacht, om daarna te beslissen of we wat verder zullen gaan (misschien naar een steegje, of aan het strand?) of gewoon afscheid nemen en zichzelf afvragen of we inderdaad niet te ver zijn gegaan of, zowel, ietwat te vroeg.

Spijtig dat zij niet drinkt. Een gehele avond met een colaatje is ook niet alles om in de gepaste stemming te geraken  Men beweert hier dat, in een duistere hoek van een café en ná het derde biertje, alle vrouwen zich ontplooien in ware seksgodinnen, waarvan men moeilijk zijn handen kan afhouden. Dus, in alle geval, opgepast met mij, want ik ben al eerder onbeleefd geweest en op de vingers getikt...

Ik mag nochtans niet klagen over de vrouw die mij wel aanvaard heeft. Vele keren twijfel ik erover of ik niet uiterst bekommerd ben om haar, méér dan echt verliefd, maar dan verbind ik het ene aan het andere en besluit ik dat liefde ook oprechte bekommernis inhoudt. Ze is totaal verschillend van de andere meiskes en ik begrijp nog altijd niet goed of dat een voordeel is of een nadeel. Ik zal enkele voorbeelden geven:

We hebben dus die lingeriewinkel waar ik vermijd zelf klanten te bedienen. Het betreft zich meestal over mensen die geniepig geïnteresseerd zijn in kleine slipjes en bh's, rode bolletjes die aan elkaar hangen door middel van een koordje, waarvan ik nooit het nut heb begrepen, de nachtkleedjes waarvan de meerderheid doorzichtige babydolls zijn, sensuele fantasieverkleding, penissen van alle maten en soorten, enz. Ik voel me te bedeesd om de vrouwen naar harte te bedienen en zelfs wanneer het om mannen gaat, weet ik nooit of de kleding voor henzelf bedoeld is, of voor hun respectievelijke wederhelften of minnaressen. Dus neemt mijn vrouw die taak op haar schouders, wanneer ze aanwezig is. Negen op de tien klanten die binnen stappen echter kopen helemaal niets, want mijn vrouw is alles behalve een goede verkoopster. Verleden week vrijdag kwam er nog een flinke meid binnen, vroeg meteen of er van een speciale afslag sprake was (wat ik heb bevestigd, want de wereld is rond en hij moet blijven draaien) en gelukkig dat ik eindelijk eens prijs zou hebben, want ze sprak over lingerie dicht bij de 300 euro´s, die ze meteen apart legde (de uitgekozen kleedjes, bedoel ik), terwijl ze verder ne heleboel ondergoed onderzocht die ze wilde uittesten in één van de paskotjes, waar ze wat later terug uit te voorschijn kwam, de meegepakte boel verward op de toonbank leggend en ze gezapig bekend maakte dat ze beslist had alleen maar de eerder uitgekozen babydolls mee te nemen maar dat ze daar eerst haar geld zou voor moeten gaan afhalen in de bank, dichtbij. Ligia, wat later, kwam mij dan mededelen dat er mysterieus vijf slipjes en corresponderende bh's verdwenen waren. Ze is nooit nemeer terug gekeerd, dat deftig vrouwke bedoel ik, en ik ben er niet armer van geworden, maar dat ik vind dat mijn vrouw haar boel wat beter moet controleren, dat vind ik. Naïeve mensen in de commercie horen daar niet thuis.

Mijn vrouw is uiterst goed, zachtaardig en medegevoelig. Zelf slaagt ze er niet in iets aan de benen van haar klanten te lappen, maar van de andere kant, er komen meer mensen binnen in onze winkels om iets aan haar te verkopen, dan om iets van haar te kopen. Omdat ze weet dat het ambt van verkoopster ontgoochelend is, wil ze dat zelf niemand aandoen en dus wordt ze voortdurend bezocht en gebeld door tientallen mensen, van alle leeftijden en geslachten die er, onveranderlijk, in slagen haar juwelen, schoonheidsproducten, schoenen, popjes, snoepjes, handtassen, ondergoed(??!!), wenskaartjes, reizen, ingangstickets voor de "club van de vrouwen", handgemaakte kunstwerken, oude portefeuilles, lege stylo's, kapotte vulpennen enz.. aan haar eigen benen te lappen zodat die andere klant die intussen aan het wachten is om bediend te worden en waarlijk iets wenst te kopen, besluit het óp te geven, want er komt geen einde aan haar keuringswerk, zodat het resultaat op het einde van de dag negatief is: We hebben meer gekocht, dan verkocht.

12:09 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.