22-08-15

op reis...(8)

  

Ik ga door de open tuindeuren op de stoep zitten en bedenk

dat ik hier al vijf dagen ben, er zijn al vijf dagen voorbij en

ik ben al die tijd gelukkig geweest, simpelweg….

Ik hef mijn hoofd op in de koeler wordende avondlucht en

probeer om niet aan de resterende vakantiedagen te denken,

het is nog niet voorbij, de terugreis…neen, nog niet aan denken …

en ik adem de krachtige geur van de kamperfoelie in en leun

met mijn hoofd tegen de deurpost.

 

Raar, maar sedert ik hier ben, heb ik nog niets geschreven,

niet eens een brief aan mijn andere, altijd verre vriend,

hoewel ik inkt en papier heb, vloeit er nog steeds geen woord

uit mijn pen… en toch zou ik hem kunnen schrijven,

ik zou hem kunnen vragen hoe het met hem gaat…,

ik zou hem kunnen schrijven hoe het met mij gaat…,

ik zou hem kunnen vertellen hoe ik elke morgen,

na het zwemmen, in alle vroegte, een bezoekje breng aan

de bruine merrie met de bleke bles op haar hoofd die hier

in het weitje wat verderop staat samen met haar schichtig

veulen tegen haar flank, over de vele vogels die nu,

op dit late uur, nog hun laatste lied zingen in het donkere

struikgewas van de tuin, over het smaakvolle interieur van het huis,

over mijn ruime, comfortabele kamer waar ik maar niet

tot schrijven kom, over de vruchtbare akkers, velden en weiden

in de omgeving waar ik dagelijks urenlang doorheen zwerf,

hoe ik tijdens de warmste middaguren in het droge gras ga liggen

aan de rand van het bos waar het gebladerte van de bomen

bijna geen zon doorlaat, hoe ik er lig te mijmeren,

te dromen en na te denken over hem en mij…

en te luisteren naar de stilte.

Ik zou hem kunnen schrijven hoe ik me hier thuis voel, ik,

die bijna nergens thuis hoor, voel me hier op mijn gemak,

ik ben gelukkig, ik ben hier gelukkiger dan ik in tijden ben geweest,

ik zou hem kunnen vertellen over hoe gemakkelijk ik vriendschap

heb gesloten met mijn gastheer, de krachtige, elegante Maurits,

die stil en oprecht belangstelling toont voor mijn woorden

en mijn kleine gesprekjes tijdens onze gezamenlijke maaltijden,

die mijn luisteren lijkt op prijs de stellen.

Ik zou mijn verre vriend ook kunnen vragen of hij mij mist…,

net zo erg en net zoveel als ik hem mis….

Ik mis de weelderige traagheid waarin ik zijn brieven bestudeerde

in het verleden, het was altijd een waar genoegen om zijn

lange ingewikkelde zinnen, alleen bestemd voor mij, te ontleden,

te ontrafelen, uit te pluizen, van elk door hem geschreven woord 

kon ik proeven als ware het een delicaat elixir….

Ik zou hem kunnen herinneren aan mijn jarenlange toewijding,

aan de warme vriendschap die ik probeerde in stand te houden

via mijn wekelijkse, ellenlange babbelbrieven …

maar ik schrijf geen woord…

bang om meer kwaad dan goed te doen schrijf ik niets …

en hij schrijft ook geen woord…..

ook hij schrijft niets…

 

Binnen hoor ik een deur open en dicht gaan en de slepende

voetstappen van Maurits komen mijn richting uit,

ik sta snel op om hem door te laten zodat hij zonder dat

ik hem hinder kan passeren en plaats nemen in een gemakkelijke

fauteuil op het terras.

Dan ga ik naast hem aan de tuintafel zitten,

de koele avondlucht strijkt langs mijn gezicht, en reik hem

een glas parelende landwijn nu ik weet dat hij ervan houdt.

‘Mooie jurk heb je aan…’

Ik glij met mijn handen over mijn eenvoudige blauwe,

gebloemde zomerjurk van koel katoen.

‘Dank je..’

‘Je bent hier nu al vijf dagen…en…bevalt het je?’

‘Soms vrees ik dat je eenzaam bent en hier een beetje verloren loopt

want ik ben helemaal geen attente gastheer die het zijn gast

aangenaam maakt met prettige uitstapjes in de omgeving en

ik geef je ook geen interessante uitleg over de bezienswaardigheden

in de wijde omtrek, zulke genoegens moet jij nu missen omdat

ik mij zo zelfzuchtig gedraag en tijdens de dag bijna niet uit

mijn kamer kom… ‘ en hij legt in een vertrouwd gebaar even

zijn hand over mijn arm....

‘Och ja, het bevalt me, meer dan ik je zeggen kan, bevalt mij

deze streek, je huis en tuin en in het bijzonder, je gezelschap,

ik ben oprecht blij dat ik er ben en ik ben je elke dag dankbaar

voor je uitnodiging en dat ik ze ook aannam is voor mij niet

eens zo vanzelfsprekend geweest, maar ik ben erg tevreden

dat ik het deed…’

‘Ik ervaar de eentonigheid van een zomer op het platteland,

de rust van het weidse landschap, wat dwalen door de velden,

wat lezen, mijmeringen en overpeinzingen als een waar genoegen…’

‘Ik vind het zelf erg prettig dat je er bent.’

‘Je doorbreekt mijn kluizenaarsbestaan, mijn oude mannenbestaan… ‘

‘Tot nog toe stel ik je gezelschap, hoewel je veel jonger bent dan ik

aanvankelijk dacht, erg op prijs, je hebt een oude ziel en dat bevalt me.

Je bent stil als ik stilte wil, je bent netjes op jezelf en op mijn huis

en je bent er als ik gemak van je wil.’

“…ik ben er als hij gemak van mij wilt…?”

Wat raar om hem dat te horen zeggen…

En ik zie hoe hij mij met zijn felblauwe ogen aankijkt en glimlacht,

héél anders dan de vorige avonden en doe mijn mond open om

iets te zeggen maar doe hem weer dicht…

Voorovergebogen zit ik op het puntje van mijn stoel en kijk

nieuwsgierig in zijn ogen tot ik ondeugende pretlichtjes zie

die mij verwarren, dan richt ik mijn ogen weer op de tuin en

leun quasi ontspannen tegen de rugleuning van mijn tuinstoel

overmand door een vreemde mengeling van emoties….

‘Ik geniet van de avonden hier op het tuinterras’ gaat hij verder

‘de avonden met jou…eigenlijk heb ik in lang niet zo van de

avonden genoten …’ en ik hoor ook de verandering in zijn stem…

Wanneer hij aarzelend een hand op mijn zongebruinde blote arm

legt draai ik mijn gezicht weer naar het zijne en probeer om hem

aan te kijken, het is al bijna te duister om hem goed te kunnen

onderscheiden en toch zie ik zijn aantrekkelijke,

krachtige gelaatstrekken, zijn levendige geest en zijn zilverwit haar,

ik voel zijn begeerte en even begrijp ik er niets van…

en dan plots…zoent hij mij en is het alsof de wereld even stilstaat.

Ik ervaar, één ogenblik lang, de koelte van zijn lippen maar

dan duwt hij plagerig mijn lippen open en ik voel de verrassende

warmte van zijn gulzige mond.

Even word ik door paniek bevangen.

Hoelang is het al geleden dat een man mij hartstochtelijk in

zijn armen sloot...,

hoelang is het geleden dat iemand over de welving van mijn buik

voelde, wie streelde nog eens de volle zachtheid van mijn borsten…?

Misschien kan ik het niet meer, misschien ben ik het verleerd?

Maar misschien is hij net zo onzeker als ik, en net zo gespannen

en verwachtingsvol…en ik leg zachtjes mijn handen op zijn

schouders en laat ze even liggen, heel even, niet lang,

dan beweeg ik mijn handen over zijn hemd heen over zijn borst

en voel zijn krachtige, snelle hartslag.

Hij rilt als ik de knopen van zijn hemd onhandig openmaak en

net zo onhandig maakt hij de haakjes van mijn beha los,

geen kanten erotisch ding maar een eenvoudig en degelijk model

zonder veel opsmuk of versiering.

Ik haal diep adem, mijn borsten zijn warm en vol,

mijn tepels hard als hij ze met zijn vingertoppen beroert

voel ik mijn eigen begeerte, ik buig me naar hem over en zoek

zijn mond om hem opnieuw te zoenen.

Ik verschuif mijn benen en hij verschuift zijn benen,

we verschuiven wat dichter naar elkaar

maar dat is ongemakkelijk, ik voel mijn stoel wiebelen dus

laten we ons van onze stoelen op de grond glijden,

het lijkt wel een worsteling, maar uiteindelijk liggen we

op het gras en legt hij zijn handen op mijn heupen,

ik trek zijn broek en mijn slipje uit,

zijn harde lid vind moeiteloos de weg tussen mijn vochtige dijen

en dan gaat het snel, al na enkele krampachtige bewegingen

bereikt hij een hoogtepunt …en ik niet…

‘Allemachtig, ik lijk wel een schooljongen, het spijt me vreselijk…’

‘Mij ook’ en ik trek verlegen mijn handen terug.

‘Niet doen, want dan vind ik mezelf nog een grotere stuntel.

Het is erg lang geleden dat ik nog eens bij een vrouw was,

veel te lang, maar dat is natuurlijk geen enkel excuus..’

Vooraleer de sfeer al te geladen wordt, grijp ik in, ik ga verzitten,

neem zijn hoofd tussen mijn handen en zoen hem lang op zijn

mond, net zo lang tot hij mij passioneel terug zoent…

dan help ik hem recht en blijf hem omhelzen,

we praten niet meer maar staan dicht tegen elkaar

alsof we allebei bang zijn om straks weer alleen te zijn…

 

 

 

 

 

16:19 Gepost door Rudoris | Commentaren (1) |  Print

Commentaren

Heerlijk!!

Gepost door: Marc | 22-08-15

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.