20-08-15

Betraando Ogen (nogmaals)

Ik kan niet akkoord gaan met de eigenaardige opvatting dat de harmonie tussen twee héél verschillende (en met elkaar gehuwde) mensen oneindig veel meer waard is en zovéél intenser en boeiender, dan wanneer één van de twee altijd maar “ja” en “amen” zegt, tegen de andere. Dan weet men al van te voren af dat men verplicht zal zijn dagelijks veel water in zijn wijn (of in de soep) te doen om toch gerust en in vrede te kunnen gaan slapen. Voortdurend moeten horen dat je niet gelijk hebt, dat de reden niet aan je kant staat, dat je weeral eens mis bent, dat je je nooit bekwaam voelt de wederhelft te overtuigen, dat je rechterhand niet weet wat je linkerhand uitspookt en dan toch nog glimlachend naast elkaar moeten gaan liggen om te overwegen hoe je het morgen aan boord zult leggen om toch haar goedkeuring te kunnen veroveren en nooit op te geven, is een lastige taak en vergt oneindig veel geduld. En als er iets bestaat dat EINDIG is, dan is dat wel precies GEDULD. Tenzij, natuurlijk, gedurende de eerste frisse maanden van een eventueel huwelijk, misschien. Mijn eigen vrouw is bijna nooit akkoord met mij, maar ze dringt haar mening niet op, tenware ze al aan haar vierde pintje toe is. Sedert de dag dat ik dat vast gesteld heb, laat ik ze maar drie pintjes drinken. Een verwittigde man is er vier waard. 
 
Over betraande ogen in zo'n geval (een mislukt huwelijk, bvb), neen daar kan ik niet over meespreken. Schreien van de triestigheid of van de akeligheid, kan ik niet. Mijn leven lang heb ik dat niet gekund. Zelfs niet op de begrafenis van Rudo Jr.

Één van die keren dat het wel gebeurd is, echter, was wanneer Ligia en Gleicy in Aracajú aanwezig waren, ene keer per jaar, voor het Braziliaans Judo-kampioenschap daar en ik alleen achter gebleven was, thuis. Soms heb ik, op die gelegenheden, de goesting de bloemetjes eens wat buiten te gaan zetten, maar dat komt er nooit van. Integendeel, ik ga zelfs vroeger gaan slapen, om niet eens bekoord te zullen worden.

Maar terugkerend naar Gleicy, ik had mijn vrouw gebeld om de weten hoe zij daar aan het doen was en toevallig was ze juist aan haar eerste strijd begonnen. Juist de gevaarlijkste: tegen een meisje vanuit São Paulo. Bekommerd, want ik weet hoe ernstig ze judo dáár wel opnemen, gesponsord dat ze zijn door één van de grootste voetbalclubs van die Staat (Palmeiras), terwijl ik hier alles alleen moet sponsoren en betalen, besloot ik meteen af te haken om het resultaat wat later, te vernemen. En niemand die mij belde, tot ik het niet meer kon uithouden van de spanning en zélf terug belde. Ze had de strijd verloren! Wat een ramp. Bovendien had ze zich ook nog gekwetst gedurende het tweede gevecht en was de dokter haar aan het overtuigen de strijd stop te zetten. Ze was namelijk op haar hoofd gevallen en had sterretjes gezien. Ik zag meteen een jaar werk en inspanning in de rook opgaan en ben niet tussenbeide gekomen, terwijl haar persoonlijke trainer meende dat ze de strijd voort mocht blijven zetten. En ik terug aan het wachten op nieuws. Tien minuten, een half uur, twee uur en niets van contact. Zij konden, blijkbaar, geen verbinding met mij krijgen en ik nog minder met hen. Stoornissen in de lucht en ook in de hemel, tot ik besloot een judo-site te bezichtigen waar ze voortdurend on-line staan met de belangrijkste wedstrijden en wat zag ik daar: Gleiciane Van Leuven: Bronzen Medalhe. Op nationaal niveau. Hoezo, ze had de eerste en belangrijkste strijd verloren, was kapot geraakt in de tweede en ze zou op zijn minst nog drie keren moeten gevochten en gewonnen hebben om nog op de derde plaats van het land te kunnen geraken en toch was ze daarin geslaagd! Alleen en mét haar pijn. En ik maar achterdochtig vermoedend dat ze niet belden omdat ze misschien naar het hospitaal gevoerd was geweest of dat ze de moed niet hadden gehad mij te verwittigen.... en mijn ogen werden druipend nat, niet van de triestigheid, maar wel van de vreugde en van het geluk. Ze had, met een stijve nek en een pijnlijke ruggengraat het roer omgekeerd. Wat een wilskracht. Wat een kampioenenbloed!
 
Ze zijn teruggekeerd op de zondag en ik heb ze onmiddellijk van de luchthaven naar het hospitaal gebracht en daar hebben ze haar hals in een beschermend omhulsel gewikkeld. Volgende zaterdag komen de plaatselijke schoolspelen eraan... zal ik dat allemaal kunnen blijven uithouden?? Te veel ontroering voor mijn zwak en week hart...
 
Ziezoo, daar komt de naam (ondertitel) van mijn boek dus ook van: "De strijd van Schatteman". Ik heb het mijn leven lang herhaald, als men niet aandringt, geraakt men nergens en als er maar één kans op de honderd bestaat dat er iets slecht kan gaan, dan moogt ge er op wedden, het zál slecht gaan.

Maar dat men nooit mag opgeven, neen, dat mag men niet...

14:27 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.