24-07-15

Creuza

Ja, ik ben akkoord dat af en toe eens goed en uitbundig kunnen schreien waarschijnlijk wel iets zal zijn waarmee een mens zijn wrang hart even kan doen opluchten, de zenuwen en de spieren doet ontspannen en misschien zelfs hernieuwde krachten kan schenken om verder te blijven ploegen en sleuren, onafhankelijk van wat hem (of haar) nog allemaal te wachten staat.

Ik heb het al eens eerder geschreven in deze blog, enkele jaren geleden.

Ik was toen nog wettelijk gehuwd met mijn eerste vrouw, maar onze gezellige dagen waren allang voorbij. We woonden en sliepen nog altijd tezamen. Maar het vlotte toen al niet meer tussen ons. Seks kwam er ook niet meer bij te pas, want zij ging vroeg gaan slapen en stond ook vroeg op, terwijl ik, integendeel, nooit voor de tweeën of de drieën (soms zelfs niet voor de vieren) in de morgen, uitgeput, in bed kroop. Ze heeft eigenlijk nooit bij mij gepast, onder andere omdat ze een man altijd teveel overrompelde en voorbij reed met haar onuitstaanbare drang om aan de elite van de bevolking toe te gaan behoren. Bewijs daarvan is dat ze, daarna, nooit nemeer aan gene enkele andere man is geraakt die het langer dan een jaar heeft vol kunnen houden.

Toen voelde ik mij nog verplicht om het werk dat ik niet gedaan had gekregen gedurende de normale kantooruren, mee naar huis te nemen om het daar te voltooien. En ik stopte maar wanneer alles gedaan was. Vooral veel schrijfwerk, zoals brieven, rapporten, telexen (waar is de tijd??), berichten en andere tientallen interne mededelingen. Tussendoor dronk ik gestadig uit twee glazen, waarvan een ervan wodka bevatte, gemengd met appelsiensap en het ander, bier vermengd met tomatensap. Eerst een slok van de sterke drank om op gang te geraken en daarna een slok van de zachte drank, om af te koelen.

Af en toe echter overviel mij de triestigheid van mijn eenzame strijd in al zijn brutaliteit en dan zakte mijn voorhoofd, ook wel vanwege de drank, op mijn voorarm op de tafel en kon ik  niet vermijden dat enkele tranen uit mijn ogen sijpelden. Het is nooit iets geweest dat ik uitvoerig en opzettelijk heb gedaan, maar ik verbaasde mij wel dat ik, op zo’n ogenblikken, over meer tranen beschikte dan wanneer Papalief mij op het matje riep, jaren tevoren. Volgens zijn redenering kwamen tranen overeen met “om genade smeken”. Hij beschouwde dat als iets waarmee je je onderworpenheid kon bewijzen en zolang je niet schreide was je dus bijlange nog niet getemd. En dat betekende meer slagen, tot ook zijn linkerhand (hij was rechtshandig) vuurrood uitsloeg. Omdat hij van geen ophouden wist moest Mama er dan bijna altijd zelf een einde aan maken. “’t Is nu al een beetje genoeg, hé” opperde ze dan en kwam zich tussen ons wringen. Nu moet ik er hier aan toevoegen dat het helemaal NIET mijn bedoeling was NIET te wenen, maar dat de tranen gewoonweg niet op kwamen borrelen. Van de andere kant, mijne pisser wist van geen ophouden en algauw vormde er zich, iedere keer, een plas rond mijn voeten. En dat was mijn ramp, want dat maakte hem nog kwader. "Mijn zoon is een laffe pisser", veronderstelde hij dan waarschijnlijk.

Enfin, terug naar mijn werkkamer dus, twaalf of dertien jaar later. Op mijn eentje was ik dus wel bekwaam geweest enkele magere traantjes te produceren, maar nooit langer dan gedurende een of twee luttele minuutjes. Gedurende een van die nachten, het was al ver over middernacht, meende ik echter opeens een gerucht te onderscheiden aan de andere kant van de deur, recht voor de tafel waar ik aan het werken was en waarvan het sleutelgat zich op tafelhoogte bevond. Toen ik de deur open zwaaide zag ik nog juist de (inslapende) meid weg benen. Ze was me dus aan het bespieden geweest, besloot ik, precies op het ogenblik dat ik het meest kwetsbaar was. Eigenaardig was wel dat ze zich niet had laten afschrikken door de op een kier staande deur van onze aangrenzende slaapkamer, waar mijn vrouw zalig lag te ronken.

Vanaf die dag begon de meid mij duidelijk op te jagen. Ze liep rond in losse hemdjes waardoor men gemakkelijk haar borsten en uitdagende tepels kon onderscheiden en gebruikte, zonder meer, korte gespannen broekjes die de helft van haar billen ontblootten. Blijkbaar vond mijn vrouw dat niet eens zo erg en kreeg ik meer en meer verboden taferelen aangeboden. Zonder seks met mijn vrouw, die vroeg opstond om zich naar haar advocatenkantoor te wenden en nadat de meid mijn zoontje naar de kleuterschool, dichtbij, had gebracht, kwam ze zonder veel geluid, mijn kamer binnen sluipen, terwijl ik nog aan het slapen was, om zogezegd de vuile was bijeen te rapen en ‘t een en ‘t ander op te ruimen. Ik werd er mij plots van bewust dat ik soms met een harde piemel te kampen had, die ik in het begin wel probeerde te verduiken onder mijn pyjamabroek, maar aangezien ze daar blijkbaar geen aandacht aan schonk, de geschapen bult in de tent, op den duur, toch maar liet bloeien en groeien. Deze gemeende vrijheid tussen ons, altijd maar intiemer, ook in de gepleegde woorden en daden, onder andere wanneer ze mij de weg versperde in de keuken, met haar expres achteruit gestoken kontje,  bracht mij van ‘t ene naar het andere, zonder echter ooit te overwogen hebben haar van haar maagdheid (wat ze mij, op eigen initiatief, al eens had onthuld) te ontdoen. Aangezien we er gewend aan geraakt waren de wekelijkse inkopen samen uit te voeren, kon ze, eenmaal in de auto en alsmaar onbeschaamder, niet van mijn geheime delen afblijven zodat ik hem in de supermarkt maar halvelings kon weg moffelen, zo hard dat hij protesteerde en pas later, op de terugweg, verlost werd van de opgestapelde opwinding. Dat heeft geduurd tot we betrapt zijn geweest door mijn vrouw, op een late avond, toen we onbezorgd en zelfs argeloos door het venster in de keuken van het appartement, hand in hand, naar de sterren in de hemel aan het staren waren. Alhoewel we niets anders aan het doen waren geweest eiste mijn vrouw onmiddellijk haar ontslag, wat ik geweigerd heb, gewoonweg omdat ze te ver weg woonde om haar zomaar opeens buiten in de straat te kunnen zetten. Ietwat later heb ik voor mijn vrouw een nieuw appartement gekocht, niet ver van het mijne en ze is dan verhuisd, terwijl ze er ook akkoord mee is gegaan mijn zoon, gedurende de dag, bij ons te laten inwonen, zodat de meid (Creuza was haar naam), op hem kon blijven passen. Onze omgang, zonder vaginaal verkeer, nogmaals, heeft toen mijn prangend gebrek aan genot wel degelijk opgelost, maar heeft nieuwe problemen geschapen. Zonder culturele en intellectuele bagage om mij, ook op dat gebied, te kunnen bekoren, begon zij te dromen van eeuwige en volmaakte liefde en werd ze intens jaloers iedere keer ik naar andere vrouwen loerde. Het werd mij dus bijna onmogelijk een nieuw lief van mijn stand en opvoeding aan de haak te slaan. Ze was echter wel ontzettend lief, bezorgd en aanhankelijk en stond mij in geen geval toe de straat op te gaan met de goesting nog in mijn broek. Ons grootste probleem was dus wellicht dat er geen sprake kon zijn van een echt koppel, tenzij wat de seks betrof, wat voor mij uitstekend van pas kwam en waarvoor ik tot heden geen enkele glimp van schaamte en spijt koester. Ze wist zodanig goed tekeer te gaan (ze was niet bepaald knap, maar had een Oosters, aantrekkelijk voorkomen) dat ik er tegenwoordig nog vaak moet aan denken.

Sedert onlangs echter, tegenwoordig dus, ga ik soms wel de straat op, niet alleen met de goesting in mijn broek, maar met de goesting om ook tranen met tuiten te huilen, gewoonweg omdat ik voel dat ze mij miscchien zouden kunnen ontlasten van mijn problemen, die in feite niet eens zo enorm groot zijn, maar wel degelijk al lang op mijn schouders wegen en mij tergend moe aan het maken zijn. Ik herinner mij hoe ik mij vroeger wel wist te ontspannen door naar muziek te luisteren in mijn stamcafés, waar ik rustig en bijna in trance, vast stelde dat er ene of andere druppel, vanuit mijn ogen, in mijn glas bier belandde. Niet van de triestigheid, maar wel van het geluk. Dat was gewoonweg ONBETAALBAAR. Het “goede en het aangename” duren echter nooit lang en vooraleer men het beseft, is het geluk al over. Tranen over je kaken voelen rollen, van geluk, is de beste ondervinding die je kunt beleven. Het overtreft zelfs het ogenblik van verzadiging bij de seks. En dat is niet weinig. Maar het is alsmaar moeilijker en zelden aan het worden, eenmaal een zekere ouderdom overschreden. Van de andere kant, kon ik maar eens goed  uitwenen van de triestigheid, ik zou mij misschien beter en rapper kunnen verlossen van mijn harnas. Maar de tranen komen er, nog altijd, niet uit. Zelfs niet met de grootste concentratie en inspanning. Ik  voel me net zoals iemand die het lijden heeft opgebouwd tot een onoverbrugbare barricade, voornamelijk voor zichzelf.

13:40 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.