19-07-16

Niet echt waar gebeurd, Maar Mogelijk Geweest

Naar zee!
Ik ga naar zee!
Met hem!!
 
Vandaag gaan wij naar Oostende, dat heeft rudo zo beslist, het is een stad die hij goed kent want hij studeert er. Hij is bijzonder goed gezind, dus ben ik het ook. We hoeven niet met de trein want we mogen, buiten alle verwachting, over de auto van zijn moeder beschikken. Het is een kleine, witte Triumph die zijn hele familie gewoonlijk gebruikt, zijn jongste broer uitgezonderd en dat de hele dag lang. Zelfs de benzinetank is gevuld. Daar heeft zijn oudste broer voor gezorgd en we krijgen er meteen, gratis en voor niets en mijn inziens totaal overbodig, nog een hele hoop goede raad en advies bij van zijn Mama, maar dan merk ik hoe rudo, tijdens die lange opsomming van wat we wel en niet mogen, langzaam maar zeker ongeduldig wordt en afwacht tot hij de sleutels in zijn handen krijgt.

Uiteindelijk houdt de gestage stroom raadgevingen op en krijgt hij de begeerde autosleutels. Tintelend van verlangen kunnen we eindelijk vertrekken. Als een rechtmatige eigenaar opent rudo de deuren van de auto en gooit nonchalant zijn modieuze witte jasje op de achterbank, mijn jeugdige blauwe anorak met capuchon (en een grijze rok, tot even boven de knieën, het laatste overblijfsel van mijn schooluniform), zwier ik ook achteraan waar het in al zijn eenvoud naast het hippe exemplaar neervalt. Rudo is veel modebewuster dan ik, die nog niet zo lang geleden de middelbare schoolbanken ontgroeid ben. Daar ben ik mij van bewust maar dat kan mij niets schelen. Een hele dag voor ons alleen brengt ons, uitgelaten als kleine kinderen op de vooravond van kerstmis, in een broeierige feeststemming. Nochtans is het vandaag een grijze, grauwe dag, het miezert onophoudelijk en de mist plakt aan de voorruit van de auto maar dat kan ons plezier niet bederven want binnenin de kleine wagen van zijn moeder schijnt de zon en is het behaaglijk warm en gemoedelijk.

We schuiven dicht bijeen, onze ellebogen tikken tegen elkaar en ik kijk hem zijdelings aan, hij lacht naar mij en ik voel een overweldigend verlangen om zijn huid aan te raken die zo dicht bij mijn eigen gezicht gloeit. Dan kijkt hij terug naar de weg voor ons die door alle motregen als een lang zilveren lint ligt te glinsteren.

‘Wil jij eens rijden’ vraagt hij na een tijd, hoewel hij weet dat ik nog niet rijden kan, maar zelfs zonder rijbewijs wil ik het wel eens proberen. Hij remt, de wagen mindert vaart en komt tot stilstand. We stappen niet uit om van plaats te wisselen maar we wrikken en wroeten over elkaars billen heen om te kunnen ruilen. Ik meen, eventjes, een harde bubbel waar te nemen onder mijn verschuivend achterwerk. Ik word zowaar verlegen door deze zeer intieme en lichamelijke oefening maar uiteindelijk zit ik nogal opgewonden als een leergierige en bereidwillige leerlinge achter het stuur. Door het slechte weer is het erg rustig op de weg maar zelfs met al rudo’s nauwkeurige aanwijzingen en ver doorgedreven uitleg breng ik er niet veel van terecht. Ik blijf maar in zijn fonkelende ogen kijken in plaats van oplettend naar de weg voor mij en luister maar half naar een hele reeks vreemde, onbekende woorden die ik blijkbaar moet weten omdat autorijden nu eenmaal geen akkefietje is maar een ernstige en moeilijke zaak. Om ongelukken te vermijden, manoeuvreren we enkele kilometers verder nog maar eens over elkaars schoot heen, wanneer ik opnieuw die harde bubbel meen te voelen en wisselen we weer van plaats. Dan rijdt hij rustig verder, met één hand aan het stuur en zijn andere op mijn dij, het hele eind naar zee. We praten en vertellen, lachen en ginnegappen over van alles en nog wat maar over niets in het bijzonder.

Ik voel, onderwijl, hoe zijn hand zachtjes naar boven schuift, zonder dat het me ooit hindert, tot hij volledig onder mijn rok (die ik af en toe eens terug naar beneden trek) verdwijnt. Het duurt niet lang vooraleer ik besef dat zijn pinkvingertje de naad van mijn slipje heeft bereikt en daar een poosje blijft haperen. Vervolgens begint hij zachtjes over mijn venushevel te wrijven, eerst bovenop de stof en zonder weerstand te ondervinden, hem dan ook onder mijn broekje wringend. We stoppen nooit met klappen en ik vind het supernormaal dat ik hem de weg niet versper in zijn pogingen intiemer te worden. Ik word zelfs geneigd mijn benen wat te openen, zodat hij verder het terrein kan exploreren, op zoek naar vochtigheid, genoeg om zijn geile dorst te lessen. Wanneer ik opmerk dat mijn slipje hem duidelijk in de weg staat, besluit ik het, in een korte beweging met mijn bekken, af te stropen, tot bijna aan mijn knieën, iets wat hij blijkbaar met veel goesting en een opgeluchte zucht apprecieert. Ik ben zowaar bereid mijn billen verder van elkaar te verwijderen, zodat hij rechtstreekse toegang verkrijgt aan mijn ondertussen nat geworden poesje. Hij vervangt, zonder veel ambras zijn pinkvinger door zijn middelvinger, die hij bij wijlen vochtig maakt in mijn vagina en daarna terug doet gijden tot aan mijn harde kittelaar, zachtjes wrijvend, erover, errond en kleine circeltjes makend. Ik besluit wat dieper te schuiven in de zetel, plaats en gelegenheid vrijmakend voor zijn lenige en zonder enige twijfel, ervaren vingers. Onmogelijk stil te blijven zitten onder de geschapen toestand, begin ik mijn heup op en neer te bewegen, hem helpend op de juiste plaats te blijven wrijven. Ons gesprek loopt ondertussen langzaam over naar haperende woorden en af en toe kan ik zelfs een kreetje niet onderdrukken. Hij blijft verder rijden alsof er niets aan de hand is, alhoewel hij de snelheid van de wagen langzaam terug gebracht heeft tot minder dan zestig km per uur. Veel auto's steken ons voorbij zonder dat de chauffeurs iets eigenaardigs opmerken, tenzij dat hij niet met zijn twee handen het stuur hanteert. Het verstrekt me een volmaakt genoegen te weten dat mijn lief mij aan het opjutten is, zonder dat er iets of iemand ons stoort, alhoewel we ons op de baan naar Oostende bevinden. Wanneer we het laatste stuk rechte weg inslaan, op minder dan tien km van de stad, laat ik me helemaal gaan. Ik trek mijn slipje helemaal uit, tot over een van mijn voeten zodat ik mijn dijen nog verder kan openen en hij, nu twee vingers gebruikend, mijn natte en gevoelige schaamlippen kan bereiken, soms zelfs uitglijdend tot aan mijn poepgaatje, dat opmerkbaar staat te knipperen van de geilheid. Net even vooraleer ik mijn orgasme voel aankomen, zuchtend en kreunend, grijp ik, met mijn linkerhand naar zijn kruis, waar ik onmiddellijk zijn harde piemel in beslag neem. Ik heb nochtans de tijd niet meer hem door zijn broekgleuf heen uit zijn onderbroek te vissen, want ik voel plots hoe de golven zich meester van mij maken en over mijn gehele gekrampte lichaam rollen, verscheidene minuten lang, tot ze daarna terug weg deinzen en ik, met gesloten ogen, besef dat ik zoëven een van mijn hardste orgasmes van mijn leven heb beleefd.

Even later breng ik mijn opgewoelde haar in orde, trek mijn slipje terug aan, mijn rok effen strijkend en hem glimlachend, volledig voldaan en gelukkig aanstarend, weet ik dat er niets verkeerds is gebeurd. Integendeel, iets waarvan ik al eerder eens had gedroomd. Het spijt me echter vreselijk voor hem, wanneer ik zie dat we Oostende al aan het inrijden zijn. Hij schijnt helemaal niet gestoord, maar de bubbel spreekt boekdelen. Ik beloof mezelf hem op de terugweg zijn beurt te geven.

Er staan weinig andere wagens dan de onze op de parkeerplaats en de pier is zo goed als verlaten. Wij hebben alle ruimte voor ons alleen. Natuurlijk willen we eerst de zee zien, dus gaan we, ondanks de motregen, wandelen. De zee, het zand en de lucht, welke kant we ook opkijken, hebben alle schakeringen van grijs. We lopen hand in hand langs de vloedlijn, ik zuig mijn longen vol, de wind speelt met mijn capuchon, rudo zegt iets grappigs, want ik zie hoe een lachje rond zijn lippen plooit, maar ik versta hem niet. Ik hoor alleen het suizen van de wind in mijn oren. Af en toe staan we even stil, houden elkaar in een stevige omhelzing en zoenen we elkaar vol overgave met alleen het geraas van de golven, als getuigen. Ik voel me gelukkig. Beter kan mijn leven, volgens mij, niet worden. In mijn hart geef ik het toe, ik ben verliefd op deze wel heel uitzonderlijke jongen… en ik denk dat ik rudo nu toch al een héél klein beetje ken, maar is dat ook waar, is dat zo?

Nieuwe gedachten en dromen komen in mijn hoofd aanwaaien met de wind… Een tijdlang loop ik verzonken in mijn eigen denkwereld maar dan trekt rudo me weer met mijn beide voeten op het strand. Hij wil terug, vraagt of ik moe ben want we wandelen al langer dan anderhalf uur, zijn een heel eind van de pier en de parking vandaan. Hij heeft er honger van gekregen en ook dorst. Ik niet! Ik heb honger noch dorst, ben niet moe en heb het ook niet koud. Ik wil dat de tijd blijft stilstaan, dat tijd ophoudt te bestaan…
 
Toch maken we rechtsomkeer… met de wind in de rug zijn we, voor mijn doen, veel te snel terug in de bewoonde wereld. In de natte straten van de stad slenteren enkele mensen gehuld in lange, vormloze regenjassen schijnbaar verveeld en doelloos van winkelraam naar winkelraam. Wij gaan een cafeetje binnen dat rudo lijkt te kennen en ik zie onmiddellijk hoe hij in de ban is van het lawaai, de lelijke, zwakke verlichting, de zoete, weeïge geur van ranzig gemorst bier op de plakkerige vloer en de lucht van goedkoop parfum. Alle andere aanwezigen zijn veel ouder dan ik en met mijn frisse kinderachtige voorkomen lijkt het wel alsof ik van een andere planeet kom. Ik heb een meisjesachtig bloesje aan, mijn haar is niet platinablond gekleurd zoals dat van enkele jonge, wufte vrouwen aan de bar en ik draag geen oorringen noch andere sierraden…

Onwennig voel ik me, lomp en links en ik voel dat ik hier helemaal niet hoor. Rudo trekt het zich niet aan en begint mij algauw te plagen, maakt enkele flauwe grappen en dubbelzinnige opmerkingen waarvan de betekenis mij ontgaat. Ik weet niet of hij mij uitlacht of bewondert, dus produceer ik een schaapachtig lachje als van een idioot. Ik slaak een zucht.

Wat is het moeilijk om op hem verliefd te zijn, denk ik nog... maar dan, ik weet niet eens meer hoe het komt, is hij plots doodernstig en begint hij te vertellen over vroeger, hoe het was jaren geleden, zijn stem wordt heser als hij het heeft over alle slagen, afranselingen en vernederingen die hij kreeg van zijn vader, eerst als kind en later als jonge jongen, over de hardvochtigheid en meedogenloosheid van een man die zich door zijn kinderen ‘papa’ liet noemen. Monotoon beschrijft rudo alle keren dat hij door die vader zelfs op school zwaar en zonder reden werd gestraft en te kijk gezet tegenover alle andere kinderen, hoe hij verweten werd voor dommerik en niet deugd, hoe hij jarenlang gekrenkt en beschadigd werd door een vader die hij nooit van zijn leven nog vader wil noemen.

Ademloos luister ik naar zijn verhaal… mijn mond valt open … ik ben sprakeloos… mijn hart bonst van verstikte woede. Het relaas vind ik zó heftig, zó treurig, een vader zó onwaardig… Terwijl rudo verder praat ziet hij er zo kwetsbaar uit maar ook strijdlustig. Midden in zijn monoloog, het komt niet in mij op om één vraag te stellen of om zijn woorden in twijfel te trekken, strek ik mijn hand naar hem uit en streel zijn wang, alle leed en onrecht hem ooit aangedaan wil ik liefdevol van zijn gezicht wegvegen, maar mijn gebaar is zó onhandig, zó armoedig en verre van toereikend… dat weet ik allemaal wel en ik voel me hulpeloos.
 
Hij lijkt mij een tamelijk gecompliceerde jongen en net daardoor zie ik hem nog liever. Later, het is nog avond maar al bijna helemaal donker, zitten we weer in de auto, op weg naar huis deze keer. We zitten dicht bijeen maar ook mijlenver van elkaar. Net als enkele uren geleden liggen onze jassen op de achterbank. Ze zien er, zelfs in de halve duisternis, net als rudo, net als ik, gekreukt en gekrenkt uit.

‘Wat ben je stil…’ zegt hij na een poos want ik praat niet meer, wat kan ik nog zeggen, wat zijn mijn woorden waard na een verhaal als dat van hem?

‘Trek het je niet aan, want dat doe ik ook niet…’ voegt hij er nog aan toe en voor het eerst in al de maanden dat ik hem ken, twijfel ik aan zijn woorden. Ik geloof hem niet, want als je opgevoed wordt door een vader die je bijna dagelijks slaat, een vader die totaal niet gelooft in je capaciteiten, als je een vader hebt waar je niet naar kunt opkijken, een vader die geen respect afdwingt… neen, dan is hij geen goed voorbeeld, dan heb je als kind geen zekerheid en geen houvast.
 
Rudo is, dat kan niet anders, een beschadigde jongen. Ik voel me onzeker en verward en ik ben bang. Zijn verhaal maakt alles anders. Iets in mij zegt dat ik niet te dicht bij hem mag komen alsof ik weet dat ik vroeg of laat zal afgewezen worden en dat wil ik niet. Ik kan me maar beter niet teveel aan hem hechten en toch wil ik voor hem méér zijn dan zomaar een of ander aardig meisje, ik wil hét meisje zijn, zijn meisje, ik wil hem begrijpen en steunen… en ik wil méér dan zijn zoenen. Naast zijn verwarrende liefkozingen wil ik ook zijn sympathie, zijn begrip, zijn vertrouwen, zijn steun en ja… ook zijn liefde...

Meteen grijp ik, vastberaden, naar zijn kruis. De bubbel is daar niet meer aanwezig. Maar dat duurt amper een paar minuutjes. Wrijvend en knedend voel ik hoe hij terug overeind aan het kruipen is. Mannen zijn wel degelijk onverstaanbare wezens. Ze kunnen lijden en afzien, werken en sleuren, lachen en treuren, maar raak aan hun piemel, ze vergeten alles en maken zich gereed voor een pakske intens vrijen.

Terwijl hij rustig aan het sturen is, terug naar Roeselare, voelt hij hoe haar handige vingers zijn mannelijkheid betasten. Hoe ze waarneemt hoe zijn ding terug begint tekens van leven te geven en voortdurend blijft groeien onder haar strelingen. Tot hij onbehaaglijk heen en weer begint te schuiven in zijn zetel, want de prick zit gespannen en vast geklemd in een enge plaats. Hij kijkt vragend naar haar en zij kijkt begrijpend naar hem. Ze weet allang hoe ze haar lief moet aanpakken om hem uit zijn nood te verlossen. Niet dat ze veel ondervinding heeft gehad met andere jongens, maar met hem is het verschillend geweest. Zij kent zijn piemel waarschijnijk beter dan hij dat zelf doet. Sedert hun eerste seksuele ervaringen, op haar kot in Gent nog, heeft ze er alles over, en van, geleerd. Ze weet precies waar en hoe ze moet kneden om hem, in een oogwenk, recht te krijgen. Zelfs wanneer ze ruzie aan het maken zijn, gaat ze af op haar ervaring om hem, met haar mollige handjes, over de misverstanden heen te helpen en hem in haar ban te doen geraken. Net zoals een spin doet met haar web, om daarna haar slachtoffer te kunnen overheersen en uiteindelijk leeg te zuigen.

Ze herinnert zich hoe ze zelfs, ene keer, in de vroege morgen, in haar kot nog, zijn polsen en enkels behoedzaam aan de bedposten had vast gebonden, terwijl hij nog aan het slapen was geweest en dat zij daarna, geil, maar zonder het te verraden, zijn pijamabroek gewoonweg gescheurd had om hem volledig naakt onder haar gezag te krijgen. Ze had daarvoor wel enkele seks-sites nagegaan en genoegen gevonden in CFNM, waarin de vrouw gekleed blijft en de man, bloot, aan haar lust en beschikking onderworpen wordt. Ze wist allang dat haar rudo gewoonweg verlekked is op de kunst van fellatio en had besloten zich daarin te specialiseren, uitsluitend voor hem. Die bepaalde dag had ze hem toen, gedurende meerdere uren, opgehitst, zonder dat ze hem ooit had toegelaten zich van zijn ballast te ontdoen. In compensatie, ze was opgetogen geweest toen ze vast stelde hoe fel en overvloedig zijn lading eruit was gespoten, eenmaal goed gekeurd, bekwaam een half koffietasje te vullen. Nochtans wou hij de ervaring niet meer herhalen, later. Hij was er bijna zot van geworden.

Handen, vingers, mond en tong kunnen wonderen verrichten bij iedere man die niet abnormaal is. Sommige ervan willen gereed komen in de buik van de meiskes, maar velen verkiezen passief te worden gemelkt door schuin glimlachende, toegewijde meisjes, die er bijna net zoveel van genieten als hun prooi, met het voordeel zich niet te hoeven druk maken over eventuele zwangerheid. Sommige meiskes gaan zelfs zoveel op in hun praktijk dat ze bekwaam zijn zelf ook te climaxen, zonder effectief gestimuleerd te zijn geworden. De macht en de lotsbeschikking die voorspruiten uit hun handen en mond, op de man waarvan ze echt houden, maken hen soms bereid hem verscheidene keren per dag op te jagen, te overtuigen en hem van haar beslissingen te doen afhangen.

Dat overdacht ze allemaal terwijl ze zijn broekriem los knoopt, de broekrits naar beneden trekkend en zijn piemel verlost uit zijn nare bergplaats. Gedurende enkele kilometers sluit ze alleen maar haar vuist rond de harde paal en masturbeert ze hem op een gezapig ritme, wetend dat hij niet zal nalaten rap op meer aktie aan te dringen. Dat beseffend, draait ze zich half om, om met haar andere, rechtse, hand aan zijn ballen te kunnen geraken, die ze rond doet rollen in haar palm, hen lichtjes knedend, terwijl ze geconcentreerd op haar tong bijt. Wanneer ze zich niet meer kan bedwingen, bukt ze zich dieper en schuift de hete pik tussen haar lippen en ver in haar mond. Verlust op het aantrekkelijk stuk vlees, hard en fluweelzacht, tegelijkertijd, probeert ze hem zelfs diep in haar keel te schuiven, geen plaats meer overlatend voor haar linkse hand. Ze stopt dan eventjes, terwijl ze zich omdraait en zachtjes fluistert: 'hoe heerlijk is dat", rudo. Vanaf dit ogenblik voelt ze dat hij op het punt staat te spuiten. Alhoewel ze weet dat hij er nooit eerder had op aangedrongen zijn sperma in haar keel te llaten verdwijnen, wat ze ook zelden had gedaan, besluit ze dat het aangeraden is, deze keer, alles in te slikken, vooraleer eigenaardige plekken zullen verschijnen op de zitbank onder hem, of op het dashbord, voor hem. De versnelling van hand en mond aanzienlijk verhogend kreunt hij opeens dat hij zal spuiten. Verrast voelt hij hoe zij zijn pik nog verder in haar keel schuift, waar ze hem toelaat zich van zijn last te ontdoen in verscheidene harde stuiptrekkingen. Ze heft zichzelf niet op tot ze er zeker van is dat er geen enkele druppel uit haar mond zal vloeien of vallen. Dan ja, kijkt ze op en beziet hem stralend in de ogen.

"Ik hou zoveel van jou rudo", fluistert ze!

08:51 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.