11-05-15

BANDIET!!

Toen ik beslist had mijn rustig pensioen te verwisselen voor een geestig, gemoedelijk bedrijfje, dichtbij, bestond er in de rij van winkels een "Lan House", druk bezocht, dag en nacht, door luizighaards en geilaards die blijkbaar niets anders te doen hadden. Het was mij al verscheidene keren opgevallen dat vele van de jongeren nogal wankelend en immer gereed voor ruzie, naar buiten drumden, meestal al wat laat 's avonds, wanneer ik mijn verantwoordelijke taak in de zaak nog aan het beëindigen was. Optellend en vermenigvuldigend de nummers: soms. Delend en aftrekkend de cijfers: meestal.

Ik vermeed zorgvuldig persoonlijk contact met de eigenaar van diene winkel en met al zijn bedienden, alsof ik toen al door had dat het zich om gemeen volk betrof.

Mijn eerste bron van ongemakkelijkheid en wrijving begon toen ik te weten kwam dat een van hun beste klanten, verslaafd aan drugs, mij, zonder dat ik dat besefte, een gestolen check aanbood ter betaling van een reeks schoolboeken voor zijn jonger broertje. Na veel aandrang en dreiging kon ik op den duur een deel van mijn verlies terug veroveren, maar het heeft me wel een jaar lang inspanning en aandacht gekost.

Het duurde niet lang vooraleer de Federale Politie de winkel, gedurende de vroege ochtenduren binnen viel, om 't een en 't ander na te gaan, toen een verslaafde jongen, nadat hij iemand anders overvallen had, hen had ingelicht over waar hij precies aan de drugs was geraakt. Het gevolg was dat het Lan House opeens niet meer open was na 20 uur 's avonds en dat de gepensioneerde en oudste zuster van de eigenaar, haar jongste broer, hem kwam bijstaan en besloot de winkel in twee te verdelen. Het kleinste part ervan voor nog enkele weinige publieke computers en de rest, met als doeleinde er een mini-grafica of zowel een grafica digital (Grafica Rápida), van te maken. Het eerste waarmee ze bekommerd waren, was te proberen de helft van mijn klanten te stelen, hen een veel lagere prijs offerend voor hun kopies. Ik besloot mij daar niets van aan te trekken en mijn prijs niet te verlagen, niettegenstaande mijn duidelijk verlies. Ik bleef, intussen, ver weg van de eigenaar, maar zijn zuster kwam regelmatig wat bucht kopen en ik probeerde haar zonder vooroordelen te behandelen.

Enkele maanden daarna begonnen ze opeens ook papier te verkopen. Natuurlijk veel goedkoper dan ik aan het doen was. Dat kon ik al minder vlot opkroppen vanzelfsprekend en toen zijn zuster toevallig ne keer binnen sprong heb ik eindelijk mijn boek eens geopend, sprekend over oneerlijke concurrentie en slecht gemanierde commercianten. Ze was wel een beetje gegeneerd geweest, vooral nadat ik haar gevraagd had niet meer terug te keren.

Onlangs, enkele jaren later dus, kwam er geregeld een verkoopster van hun winkel papier bij ons kopen, zodat ik meende te begrijpen dat mijn argumentatie waarschijnlijk, uiteindelijk, resultaat had opgeleverd. Onafhankelijk van het feit dat ik had vernomen dat de eerste partij papier van een gestolen vrachtwagen afkomstig was geweest en dat ze, daarna, besloten hadden niet verder in die richting te blijven aandringen en verkozen hadden de verkoop ervan stil te zetten. De zuster van de eigenaar, een verschrikkelijk lelijk mens, en haar dochter, indien mogelijk, nog lelijker, hadden het sederdtien ook afgestapt en behoorde de gehele zaak nu terug aan de eerste eigenaar. Terwijl ik haar aan het bedienen was, dat verkoopstertje dus, had ze wat rond staan kijken en opgemerkt dat er 500 kopies gereed lagen voor de sindicus van een gebouw, hier dichtbij, onze klant al langer dan twintig jaar. Toevallig, ongeveer twintig minuten later, kwam de bediende binnen van dat gebouw om het materiaal op te halen. Altijd gereed om iemand op heterdaad te betrappen en bang weeral een belangrijke klant te zullen verliezen, vroeg ik hem of iemand van die "Grafica Rapida", hen had opgezocht om betere kopies, goedkoper en rapper, dan ik, aan te bieden. En waarlijk, bekende hij, een man had de sindicus opgezocht en een uitstekend voorstel gemaakt. Eerst werd ik blakend wit en daarna vurig rood. Had ik enkele uren kunnen uitblazen, er zou misschien niets gebeurd zijn, maar minder dan een half uur later kwam dat verkoopstertje toevallig terug binnen en kon ik natuurlijk mijn mond niet houden. Ik heb haar en haar baas uitgescholden voor alles wat lelijk was, vooral ook met straffe woorden zoals "Bandiet" en "Traficante" (drughandelaar). Ze is blazend van de woede weg gebeend, zwerend nooit nemeer terug te zullen keren. "Ga met God", riep ik haar (bevend) nog na.

Minder dan twee minuten later stond haar baas daar. 'Herhaal ne keer precies wat jij tegen mijn bediende hebt gezegd, maar nu in mijn eigen aangezicht", blafte hij me toe. "BANDIET", herhaalde ik, met alle woorden en alle letters, recht in zijn aangezicht kijkend, zonder mijn blik van zijn ogen te verwijderen.
 
Kokend is hij weg gelopen, belovend dat ik, vanaf nu, beter maar goed moest oppassen, want dat hij wel op een geschikt antwoord zou denken.

Sedertdien zit ik hier op hete kolen.

Maar ik ben nooit gevlucht.

Hemeltje lief.

14:50 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.