18-01-13

Somtijds is “de beesten loslaten” de enige oplossing

Enkele jaren geleden wilde ik het ronde getemperde glas van een ontbijttafel vervangen, daar er een brokke vanaf was gebeten door een op hol geslagen ezel (Geert, als ik me goed herinner). Eerst had ik een prijsvergelijkende tabel opgemaakt en uiteindelijk een leverancier geselecteerd die voldeed aan al mijn eisen: eerst en vooral laagste prijs, vervolgens kleinste kost en last but not least, de meest indrukwekkende afslag.

In diene tijd echter had ik nog weinig ondervinding en had ik de volledige prijs betaald op het ogenblik dat ik het glas had besteld. En dan begon ik te wachten, te bellen, te wachten en te bellen, tot er geen einde aan kwam..

Iedere keer dat ik contact kreeg, wat altijd maar moeilijker en moeilijker werd, was de belofte vlug gespeld: maximum volgende vrijdag. Op de vrijdag was het dan: volgende maandag, zonder fout en zo verder tot er verscheidene maanden waren verlopen, zonder enig resultaat.

Mijn geduld is altijd groot geweest, maar nooit oneindig. Tot ik besliste dat het genoeg was en ik besloot de winkel persoonlijk op te zoeken. Hij was aan de andere kant van de stad gelegen, in een naburige gemeente. Na lang zoeken kon ik het klein kantoortje eindelijk lokaliseren, boven aan een trap. Ik werd argwanig verwelkomd door een jong schijtgat die ik besloot onmiddellijk opzij te schuiven: ik wil spreken met de eigennaar, blafte ik kortaf. De eigenaar zat aan een klein tafeltje in de hoek en was zorgvuldig en druk bezig zijn geld te tellen. eerst de grotere bankbiljetten, dan de kleinere, en dan de munten. 't Was waarschijnlijk het omgekeerde van wat ze hier beweren: het geld dat in de lade ligt van een commercie, vertegenwoordigt de winst niet. Ik herinner mij altijd Geert als ik dat schrijf. Hij was dus waarschijnlijk de winst aan het tellen van de vorige dagen, weken en maanden.

Ik viel meteen met de deur in het huis. Waar is mijn tafelblad?? Hij vroeg vanhier en ook van vandaar tot hij besefte wie ik was en hij zich herinnerde wat hij al weken lang aan het beloven was geweest aan de telefoon. Jajaa, ge moogt gerust zijn, volgende vrijdag lever ik uw tafelblad af, zonder enige verdere twijfel. Allez ge moogt op uw gemak gaan slapen. Tot wederziens hé en gaat met God...

Ik heb gedreigd ja, en ik heb getierd ook ja, en ik heb mijn geduld verloren ja en ik heb zijn nageslacht vervloekt ja, heb vervolgens mijn borst opgespannen, mijn spieren laten bewegen tot hij uiteindelijk vast kon stellen dat er uit dat veld wel degelijk wilde konijnen tevoorschijn zouden komen pieken. Ik kreeg echter ook mijn deel van de wind toen hij besloot de stier van voren áán te pakken en eveneens zijn bril op de tafel te leggen en de mouwen van zijn hemd óp te stropen. Zijn besluit was dat mijn tafelblad, besteld in São Paulo, onderweg was en op elk minuut kon arriveren. Op dat ogenblik echter wilde ik niet meer weten van beloften en plaatste ik hem voor twee keuzen: of zowel mijn geld terug, of zowel een ander tafelblad, van dezelfde waarde, op zijn minst. Hij keek woest in mijn ogen en ik verklaarde ogenblikkelijk: kom maar warm, want ik ben heet. Hij mat mij op, van hoofd naar voeten en van voeten naar hoofd en bleef wankelen tussen de twee uiteinden. Vooral mijn opgeblazen brede schouders* dwongen hem tot respect: zijn klein houten bureautje zou volledig in splinters en brandhout geslagen worden. Dat was mijn troef alleszins want we waren allebei gereed het gemeensverschil op ZIJN kwetsbare eigendom uit te vechten. Hij flitste nog even een woedende blik in mijn richting, maar dan kwam zijn verlossend bevel naar zijn werknemer: haal dat rechthoekig blad dat in de gang staat, beneden. Het was zeker veel zwaarder dan een zak cement, misschien wel twee zakken cement waard en zwoegen dat hij deed, om het naar buiten te krijgen. Hij had er natuurlijk op gerekend dat ik dat blad niet alleen zou kunnen dragen en nog méér, het alleen in een gewone personenwagen te kunnen foefelen. Het was ongeveer een meter breed bij bijna twee meter lang, veel groter dus dan mijn besteld rond tafelblad, met een diameter van één meter. Mijn bedoeling was het blad zo goed als mogelijk op de achterbank te schuiven en wat verder in de straat een veiligere plaats te veroveren in de auto, want ik vreesde dat hij mij zou achtervolgen om het blad terug te pakken, of zowel te breken, zodat iedereeen zijn eigen verlies zou moeten dragen. Eens uit zijn gezicht echter, draaide ik een parkeerplaats in en verborgen voor eventueel voorbij passerende auto's, deed ik een nieuwe poging om het glas beter te accommoderen in die enge auto, als ik mij niet vergis, toen een Opel Diplomata. Daarna heb ik dan nog een verder uur gewacht tot ik er zeker van was dat het lawaai en de aambras over was, om definitief terug naar huis te keren.

Maar dat we allebei op hete kolen getrapt hebben, dat hebben we.

Mijn getemperd tafelblad bestaat nog altijd en iedere keer dat ik het zie, herinner ik mij de moeite die het mij heeft gekost om het te ontvangen. Het is groter dan origineel en veruit het goedkoopste dat ik me ooit heb aangeworven.

·   *Gedurende ettelijke jaren heb ik van mezelf verondersteld breed geschouderd te zijn. Slechts onlangs heeft een ex-lief van mij – Doriske van mijn hart – mij toevertrouwd dat ze mij altijd smal geschouderd heeft gevonden. De ontgoocheling kon niet groter zijn geweest. Foei Doris.

18:05 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.