21-12-12

Aan Bestseller Schrijver Staf, die vandaag nog pronkt met de verkoop van zijn laatste roman "Mottebol", gestegen naar 13 exemplaren

Waarin we min of meer overeen komen is dat we ongeveer dezelfde leeftijd hebben, overtuigde atheïsten zijn, dezelfde socialistische opvattingen en meningen koesteren, niet leven in de gemeente waar we geboren zijn, jij in Hamme (Limburg) en ik in Rumbeke (W-VL), maar toch gedurig slecht durven spreken over de inwoners van de streek en de straat  waar we nu wél wonen, jij in W-VL en ik in Brazilië, we er allebei een blog op nahouden, jij vooral met een enorme resem gedichten en bedenkingen over alle mogelijke en onmogelijke soorten onderwerpen, een verrassend intelligente mens verradend, alhoewel spruit van een textielfabrieksarbeider, terwijl ik van een handtastelijke lagere school(meester) onderwijzer, zonder in staat te zijn aan dezelfde hoog drijvende wolken te krabbelen, maar dan toch bekwaam genoeg om realistische verhalen en herinneringen uit de mouw te schudden zoals het past voor iemand die zich in de Vakschool van Roeselare nauwelijks en op het nippertje door zijn examens heeft kunnen spartelen. Verder zijn we allebei, eertijds, trouwe aanhangers geweest van de Volksunie (ik meer dan jij, want je vader was verantwoordelijk voor het grootste part van je overtuiging), terwijl jij je nu in veel ruimere atmosferen begint te bewegen en te overwegen, eigen aan de wijze mensen die veel meer weten en begrijpen dan wat ze effectief doen en ik me nog steeds hardnekkig blijf vastklampen aan mijn West-Vlaamse gezindheid, slachtoffer dat we waren en nog altijd zijn van vooral de Brusselaars in het algemeen en nu de Limburgers ook, in het bijzonder, die ons schoon dialect aanklagen alsof het de grootste schande van de wereld is, vergetend dat onze taal uiterst dynamisch reageert en groeit vanuit de ervaringen van onze lieve, maar vastberaden, zelfbewuste en werkzame bevolking en niet door de mensen die zich meester vinden van onze taal en hun mening daarover ons keelgat willen in blijven proppen, overtuigd dat, wanneer men er niet blijft over foeteren, er men geen verandering in mag verwachten.

We zijn allebei twee keren “getrouwd”, zijnde dat we  de tweede keer ons doel bijna perfect hebben getroffen, zodat we nu niet meer uit zijn op nieuwe maar dwaze avonturen, tenware diegene die zich afspelen in onze zwoele dromen en we ook niet kunnen nalaten frisse en verse gestalten, zonder méér, ná te blijven staren op het voetpad en ook op de zeedijk, tot ze aan de horizon verdwijnen, verveeld dat we thuis met andere tabak content moeten zijn. Jij rangschikt deze jarenlange verhouding echter als ware het een zakelijke onderneming en spreekt dus ook over een “partner” (eerst dacht ik dat het een man was), terwijl ik het nog ouderwets doe en alle dagen verklaar aan mijn lief hoeveel ik wel van haar hou. We hebben allebei verdriet gehad en blijven nog altijd lijden omwille van onze zonen, de mijne verongelukt toen hij helemaal gereed was voor het leven en jij nog altijd, spijtig overwegend wat een latere zwangerschap allemaal wel teweeg kan brengen. Om de pijn te verdoezelen heb ik twee dochters geadopteerd (eentje van vijf jaar, tien jaar geleden en één jaar geleden, een ander van twee maanden), terwijl jij je gemoed verdrinkt in een dagelijkse dosis poëzie.

Alhoewel je het niet nalaat, bijna alle dagen, je overleden vader en oudste broer bewonderend te herdenken en er bij mij niemand tot op datzelfde niveau is geraakt (uitzondering gemaakt voor mijn jongste broer, wellicht), kunnen we het niet vermijden, somtijds, rare gedachten door ons hoofd te laten spoken. Vanwege mijn kant, nochtans, ben ik nog niet tot het besluit gekomen hoe een einde aan de ellende aan boord gelegd moet worden.

Daarom dus de reden van dit schrijven. Ik had graag jouw opinie willen weten over eender welke manier van doen, zolang het maar niet veel lawaai maakt en ook zonder veel herrie en rode vloeistof te veroorzaken.

Het moet in alle geval vooral rap en ook helemaal pijnloos zijn. Dat gaat zonder spreken.

De eerste keus is zichzelf ophangen. Het stoot mij echter tegen de borst dat het resultaat van deze daad terstond een zaadlozing veroorzaakt, plus ook en nog weerzinwekkender, een dikke darmontlasting. Niet iets waar men daarna fier terug kan op wijzen.

Vergiftiging: als men bedenkt hoe de maag krampachtig en uiterst pijnlijk reageert op het verwerken van besmet voedsel, hoeveel keren slechter moet het dan niet zijn met puur vergif?

Een kogel in de keel of in het hoofd doet zoveel bloed rond spetteren dat men er de familie van verplicht de jaarlijkse opkuisdag enkele maanden te vervroegen. Niet gesproken over het vreselijk uitzicht, van dichtbij bekeken, alleszins. Zich onder de trein, of vóór een vrachtwagen werpen doet, van de andere kant, zoveel beenderen breken en kraken dat die klanken waarschijnlijk voor eeuwig zullen blijven nazinderen en nadenderen in je achterhoofd, wat je zal beletten van de stadige rust definitief te genieten.

Dan blijft er nog over van een hoge verdieping te springen, maar dat veronderstelt dat je op zijn minst gedurende ettelijke seconden, de naderende dood moet blijven aanstaren. Niet iets voor gevoelige zielen, zoals wij allebei zijn.

Hetzelfde geldt voor “zichzelf versmoren”. En dat duurt veel langer dan enkele seconden. Het kan minuten duren vooraleer men verplicht is de opgehoopte adem los te laten barsten en de longen vol te laten lopen. Bovendien is het lijk van een verdronken mens afschuwelijk. Ook niets iets dat je graag aan je nageslacht laat zien. Je pols over snijden? Net iets voor de vrouwen eigenlijk, want op elke tien pogingen lukt er maar één.

Vandaag echter is er mij een licht opgegaan: een jong koppel zat te vrijen in een gesloten auto, met de airconditioning aan en met een draaiende motor dus, in een kleine afgesloten garage. Weet je dat ze allebei gelukkig, maar zonder te willen, gestorven zijn nadat ze verzadigd aan het uitblazen waren van hun succesvolle krachtinspanning? Ze zijn zalig vertrokken, zonder iemand daarvan deelgenoot te hebben gemaakt en zullen voor eeuwig aan hun laatste daad herinnerd worden, die niet de dood was, maar integendeel: het leven. Zó sterven is niet vreselijk, vind ik. Wat vind jij?

Enfin, ik ben hier teneinde raad en kan maar niet tot een beslissing komen. Nochtans moet dat gebeuren terwijl men nog de daad zelf bij het woord kan voegen, want eenmaal op zijn laatste bed, wanneer men er beschaamd moet op toezien hoe men je nijdig verlost van de vuile pamper en verlegen moet meemaken hoe ze korte metten maken met je neerslachtige piemel, dan kan je zelfs niet meer alleen door het raam kruipen.

Zodus Staf, aangezien je daar ook al veel grijze massa hebt aan besteed, zou ik graag jouw mening willen weten, want twee hoofden denken beter dan één, of niet??

15:07 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.