27-09-12

Over LULA, ex-President van Brazilië en zijn lieve maar keiharde opvolgster: DILMA

Vandaag zou ik het graag eens hebben over Lula, ex-president van Brazilië (twee keer verkozen in rechtstreekse volksverkiezingen) en zijn opvolgster: DILMA.

 

 

Zoals iedereen wel zal weten zijn alle (kom, ik zal “alle” vervangen door 90%, want er blijven altijd wel enkele idealistische uitzonderingen over, vooral in het binnenland) private kranten, magazines, radio zenders en TV–kanalen in de handen van alles-behalve-Palestijnse eigenaars. Dat niet alleen in de VS, maar ook overal in Europa en vooral in Latijns Amerika, waar er nog altijd veel plaats bestaat voor mega-uitbuiters.

 

Eerst en vooral gaan ze er helemaal niet mee akkoord dat een simpele werknemer zoals Lula, die ook ooit eens in de Vakschool van Roeselare gestudeerd zou kunnen hebben (bij manier van spreken natuurlijk, want in een katholieke vakschool wordt men bijna uitsluitend geleerd hoe men een draaibank moet overmeesteren, plus alle 164 vragen en evenveel antwoorden van de catechismus), tot president van een land verkozen kan worden, wanneer zij dat al eeuwen aan het doen zijn (het land besturen, bedoel ik), zonder enig merkbaar resultaat nochtans, voor wat het volk betreft alleszins.

 

Ze opperden en koesterden eerst hun luide (wan)hoop, dat Lula (die nooit een ware socialist is geweest, maar wel een vakbondleider in de meest industriële randsteden van São Paulo, terwijl hij zelf afkomstig was van de toen erg verarmde Staat van Pernambuco, in het Noordoosten van het land) wel rap over zijn eigen benen zou struikelen, een hele boel onzin zou uitkramen en tussendoor ook nog wat balken en voor de rest alles zodanig overhoop zou zetten, dat hij nooit nemeer opnieuw verkozen zou worden (God zij dank, durfden ze zelfs luidop peinzen), maar vier jaar daarna echter, de teugels opnieuw in de handen heeft kunnen nemen. Lula, sedert zijn eerste presidentsschap, heeft bewezen hoe intelligent hij wel is. Hij kon moeilijk alles weten en begrijpen wat er voor een President van een continentaal land zoals Brazilië is weggelegd, maar hij heeft wel zielen kunnen bekoren die het goed bedoelden met het land en heeft op hen vertrouwd en gebouwd. Er is werkgelegenheid gecreëerd geweest, sedertdien, voor een bevolking zo groot als die van België (méér dan 10.000.000 jobs) en alle andere Staten, buiten die van het zuiden van het land, zijn ineens ook aan hun trekken kunnen komen.

 

Hij kreeg echter maar pas de volle wind tegen toen hij belangstelling hechtte en ook sympathie toonde voor de Palestijnse zaak. Sedertdien is het een smerige achtervolging geworden op praktisch alle kanalen in radio en TV en vooral ook in de kranten. Alle dagen en de gehele dag door, ZONDER ONS ÉÉN ENKEL MOMENT TE GUNNEN OM TE BEKOMEN VAN HUN VERSCHRIKKELIJK EN ONOPHOUDELIJK VERGIF.

 

Omdat hij rustig, weinig of niet gereageerd heeft op die honderden aanvallen, heeft de bevolking echter, wat verontrust door de dagelijkse portie kritiek en verwijten van alle soorten, zodat men er zelfs niet verbaasd zou over zijn dat het zich allemaal om betaald materiaal betreft, moeten vaststellen hoe danig laf en vals zij eigenlijk wel waren, de media bedoel ik, op dat gebied zeker en vast, terwijl ze, diezelfde media nog altijd, al zijn voorgangers (ook en vooral de generaals) zorgvuldig spaarden en loofden alsof ze daar miljarden voor ontvingen, zoals dat waarlijk ook echt het geval is geweest, terwijl ze nu ineens met platte tepels van lege uiers te doen hadden. Deze verontrustende vaststelling heeft Lula geholpen om zijn tweede mandaat, zonder veel herrie, te veroveren, onafhankelijk van de hoeveelheid valtrappen en valluiken die ze hadden rond gestrooid. Ook wel omdat, voor het eerst, een president niet verzekerde dat de taart eerst groter gemaakt moest worden vooraleer hem met de gemeenschap te kunnen verdelen. Het minimum salaris is in minder dan tien jaar tijd verhoogd van ongeveer tachtig, naar over de driehonderd dollars. Nog altijd weinig, maar ineens kregen miljoenen mensen de kans om zich, op krediet, Tv-toestellen, wasmachines, ijskasten en brommers aan te schaffen, wat de locale industrie een enorme stoot vooruit heeft gegeven, zonder te spreken over de taks verlaging op die toestellen die de regering geschikt achtte op dat moment. Tezelfdertijd bracht hij de schuld van Brazilië in buitenlandse munt, terug van een ruime honderd vijftig miljard dollars (vooral geleend door de FMI), naar een spaarkas van omgekeerd, een vijfhonderd miljard dollars surplus, waardoor we nu aan de andere kant van de toonbank terechtgekomen zijn. Vroeger besteedde de regering praktisch het complete budget aan de interesses van de meest begunstigden, personen, families en bedrijven. Deze keer is het de beurt geweest aan de minder voorziene mensen en bedrijven, waaraan inderdaad toch nog altijd relatief kleine bedragen geïnvesteerd zijn, maar toch al wonderen hebben verricht. Terwijl de bevolking vroeger bestond uit ongeveer twee percent rijken en meer dan zestig percent armen (en armer dan arm, wat miserabel wordt genoemd), is de verhouding nu ietwat bijgedraaid: de rijken blijven nog altijd even rijk en er zijn ne hele hoop nieuwe rijken bij gekomen, maar de hoeveelheid armen is fel gedaald en de middenstand is behoorlijk uitgegroeid tot een onverwachte zeventig percent van de bevolking, die nu af en toe ook eens uit wil gaan eten, naar het binnen- en buitenland wil reizen, zich een nieuwe auto wil aanschaffen en ook eens die winkel wenst binnen te dringen, die origineel alleen maar bedoeld was voor de elite, terwijl die laatste daar nu met grondige afkeer staat op te gluren. Dat is ook het percentueel van de families die geen huur meer betalen voor hun woning maar, integendeel, nu ook over hun eigen huis of appartement beschikken, gefinancierd door banken die aan de Staat toebehoren zoals de CEF en de BB, die hun interest rates behoorlijk naar omlaag aan het halen zijn. Als men weet dat de locale maar ook internationale banken hier werken met interesten van MÈÈR dan tien percent per MAAND, gerekend op de uitstaande bedragen van creditkaarten en negatief staande bankrekeningen, terwijl de inflatie al jaren onder controle is en rond de vijf percent per jaar bedraagt, dan begrijpt men waarom Lula (en nu ook Dilma, van het zelfde laken een broek) een doorn in hun ogen betekent. Het gevolg is dat de druk van de regering om de interest rates naar omlaag te halen, méér leengeld ter beschikking stellend van de middenstand en de kleinere firma’s, aan matige interest rates, de grote private banken verplicht dezelfde weg op te gaan, vooral als ze de strijd om méér klanten en kantoren dan de officiële banken, op middelmatige en lange termijn, niet willen verliezen, wat nu eindelijk toch aan het gebeuren is, ná decennia’s met miljarden reais winstboeking, bij elk fiscaal trimester. Er bestaat geen middenstand, commercie en industrie in de gehele wereld die kan overleven met zulk een peil van woekerinteresten eigen aan de gevaarlijkste maffia en meest onbeschaamde uitbuiters, iets waar alleen Lula en nu vooral ook Dilma, zijn opvolgster, maar economist van beroep, werkelijk hun mouwen voor aan het opstroken zijn. Dat alleen al is genoeg om hen nog jaren lang aan de macht te blijven houden, want de razende honger van de speculanten blijft alsmaar groeien en moet op dit ogenblik de randen van de waanzinnige daden aan het benaderen zijn.

 

Maar dat is allemaal niet zonder stukken en brokken aan het gebeuren. Alhoewel, tegenwoordig, Lula en Dilma bijna tachtig percent van de goedkeuring van de bevolking inenten, maakt de amper vier percent die er radicaal en onstuimig tegen zijn, meer lawijt dan de ganse heuse bevolking. In ons perfect democratisch systeem hebben die vier percent lawaaimakers tien keren meer recht op papier, microfoon en beeld dan de tachtig percent die stom blijft toekijken en zwijgend gaat stemmen. Het is vanzelfsprekend dat met zó een indrukwekkende en voortdurende druk en starheid waarmee die vier percent de tachtig percent blijft overspoelen en overheersen, op den duur hun geduld zal doen verliezen, maar dat is gelukkig nog altijd niet het geval. Een klein wonder overigens. Het is echter vreselijk dat allemaal te moeten bijwonen, alle dagen en in alle omstandigheden, winter in en winter uit. Hoe verschrikkelijk meedogenloos ze wel zijn, hoe wreed smerig, morbide en zelfs bloedlustig.

 

Ik sympathiseerde, twintig jaar terug, niet met de arbeiderspartij (PT) van Lula en wel met die van de Internationale Socialisten (waaronder Willy Brandt), de locale PDT, die het meest vooruitstrevend was, de Partido Democratico Trabalhista, onder leiding van ingenieur Leonel Brizola, maar ná zijn dood, heb ik me dan toch laten overhalen, wegens gebrek aan een vertrouwbare opvolger. Ik bewonder de eenvoud van Lula, zijn oneindig geduld en incasseringsvermogen, zijn wijsheid en politieke intelligentie. Hij zal waarschijnlijk nog ene keer herkozen worden, maar dat de honden verwoed zullen blijven staan blaffen aan de rand van de stoep, terwijl de stoet passeert, dat zullen ze...

 

PS: Vreemd, maar juist gisteren is er een artikel verschenen op een rechtsgezinde nieuwssite, die mij uitzonderlijk gelijk aan het geven is. Zie hier:

 

http://economia.ig.com.br/2012-09-25/desigualdade-caiu-nos-ultimos-10-anos-no-pais-diz-ipea.html

 

Wilde méér??

18:59 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.