04-07-11

Kwik en Fris

Soms verdenk ik mijn Mama ervan geen enkele afkeer te hebben gehad van sommige perverse middeleeuwse praktijken. Vond ze, toen ik nog altijd minder dan twaalf was alleszins, dat ik ietwat heter dan normaal aanvoelde (wat meestal wel degelijk het geval was), dan wilde ze persé de thermometer in mijn maagdelijk nolleke van vanachter steken om daar, ik begrijp nog altijd niet goed waarom, mijn lichaam’s temperatuur te verifiëren. Net alsof het zich om de meest geschikte plekke betrof. De uitnodiging was immer kortaf: “allez, trek moar joene broek ut en kom’moar over mine schoat ligg’n”, waar ik protesterend en snikkend van de ellende aan voldeed, bewust van de naderende verkrachting.

 

Nog schrijnender nochtans was dat ze, even daarna, besliste ook datzelfde onderzoek te plegen bij Dirk, mijn oudere broer in de rij en hij, als wierookmanneke-in-de-maak, weigerde zijn achterwerk daarvoor (gratis) ter beschikking te stellen en zij, onze Mama dus, verplicht was de thermometer vervolgens in zijn mond en tussen zijn tanden te vroetelen. Hij, duidelijk bleek uitslaand van de stress en met een dubbele tong, was dan toch nog bekwaam eruit te kramen dat hij, de thermometer, een bepaalde slechte smaak veroorzaakte, waarop ze meedogenloos antwoordde dat dat helemaal normaal was en te wijten aan het “Kwik” (sedertdien hebben zijn verscheidene vriendinnetjes er voortdurend over geklaagd dat hij met een slechte adem te kampen had).

 

Ongerust en een beetje verward over de ware betekenis van dat vreemd woord “Kwik”, besloot hij terstond (de volgende middag, in feite) eens in de schandaalkrant “Kwik” te loeren die hij, door de voorruit van de winkel van de drukker in Rumbeke, had kunnen onderscheiden om na te gaan waar die slechte smaak eigenlijk wel echt vandaan gekomen kon zijn en Aureel, de zoon van de drukker, hem dan geduldig uiteenlegde dat hij moest oppassen voor de inhoud van dat vies en vuil krantje, uitsluitend bedoeld voor het gemeen werkvolk van de parochie en ook, vertrouwelijk bekennend, voor de Paster van de Sint Petrus en Pauluskerk, aan wie hij wekelijks een exemplaar verschafte, rechtstreeks van onder de toonbank naar de eigenaardige gleuf middenin zijn zedig toogkleed en die zó op de hoogte werd gebracht vanwaar de zondaars in het algemeen en zijn biechtelingen in het bijzonder de drang haalden hun beestelijke en vreselijke goestingen bot te vieren.

 

Toen ik, enkele dagen later, verpakt in mijn zondag’s kostuum, vers ondergoed nodig had om aan de huisdokter, wat verder in de straat, een staaltje van mijn slappe afgang af te leveren en niets vond in mijn eigen lade, besloot ik Dirk’s kleerkast eens na te gaan waar ik, onder een stapel slobberige onderbroeken, op een nieuwe editie van “Kwik” stootte, samen met een exemplaar van het allernieuwste “Ciné” magazine, voor de Franstalige zondaars bedoeld en waarin men alle soorten borsten en poepen kon ontdekken en ontleden, waarover hij blijkbaar zijn seksuele behoeften zenuwachtig had ontladen, wat opmerkbaar was op de bladzijden die voor dat doel niet meer beschikbaar waren aangezien hij, Dirk dus, daar eerder al zijn bijdrage had gestort en ze aan elkaar kleefden zoals gene enkele andere lijm bekwaam was te doen.

 

Het was toevallig ook met diene zelfde naam dat de turnclub in de Broederschool van Roeselare, waarvan Frank, de oudste broer, lid was, gezegend is geweest: “Kwik en Fris”.

22:11 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.