11-06-10

Over oude schoenen en versleten zolen

Eerst vermoedde ik dat hij een gebrek had aan één van zijn benen, want hij hief het extra hoog op, bij elke stap. Waarschijnlijk al verre over de zestig, zoniet dichter bij de zeventig. “Mank” leek mij niet het juiste woord te zijn in zijn geval, wat ik eerder al vele keren had kunnen vaststellen, vooral  bij sommige van de Joden die ik, over de loop van de jaren, had ontmoet. 

Over Joden gesproken, ze zitten bijna allemaal dik in het geld omdat ze al veel andere mensen hebben kunnen uitbuiten in het leven, of zowel vanwege de verkoop van een reeks oude huizen die ze van hun familie hebben geërfd, allemaal in het centrum van de meeste steden en die ze na de dood van hun ouders beslist hebben te verkopen om het opgestapelde geld rap te kunnen verdelen tussen de troep broers en zusters die achter gebleven zijn, waaronder de meeste niet gewend zijn aan "werken".

Onlangs nog was ik de aankoop van een nieuw appartement aan het onderhandelen geweest en de mens, duidelijk een Jood, was niet alleen de eigenaar van dat ene appartement, maar wel van het geheel gebouw. Hij had een ware afschuw van het woord “prijsafslag” en we zijn dus niet tot een gelukkig besluit kunnen komen, maar hij is er wel akkoord mee gegaan enkele woordjes te reppen over het adopteren van kinderen. Ik had het nog speciaal over de indrukwekkende eigenschappen van mijn eigen dochter gehad en het ongelooflijk geluk dat ze mij had meegebracht en hoe ik de plaatselijke kinderrechter opnieuw had opgezocht met de bedoeling een tweede kindje te adopteren om datzelfde geluk nogmaals te herhalen en hoe de psycholoog (een jong vrouwtje met een mismaakt handje) die me daarvoor speciaal had ondervraagd, nog persé had willen weten waarom ik geen belangstelling toonde in een psychisch of fysisch deficiënt kindje, waarop ik onmiddellijk had gereageerd dat ik oordeelde daarvoor waarschijnlijk niet over het genoeg geduld te beschikken, reden waarom ik daarna, blijkbaar, afgekeurd ben geweest (want ze hebben mij nooit nemeer terug geroepen), waarna ik er aan hem, de eigenaar, had toegevoegd dat ik verschillende koppels had gekend, meestal Joden, die zelf hun eigen deficiënte kindjes hadden opgevoed, daar genoeg geduld voor opbrengend, maar later dichter bij hun einde, zichzelf enorme zorgen hadden beginnen te maken over wie voor die kindjes uiteindelijk zou blijven passen, eens ze de hoek omdraaiden, want weinigen, buiten de ouders, nemen zulk een zware taak op de schouders, wat meteen tranen in zijn ogen had veroorzaakt, zich waarschijnlijk zijn eigen geval herinnerend, niet genoeg nochtans om zijn hart wat malser te maken en toe te geven aan mijn pleit voor een kleine afslag..

Dat allemaal gezegd kom ik terug op diene oude man die niet echt aan het manken was geweest, maar wel had willen beletten te struikelen over de losgeraakte zool van één van zijn schoenen, ná dertig jaar dienst en wat nog net niet genoeg was geweest om te beslissen een nieuw paar te bestellen, maar wel om te weten waar hij een goedkope schoenmaker kon vinden. 

Ikzelf mag ook niet klagen, want ik gebruik nog dagelijks de versleten schoenen van mijn zoon die hij gedurende verschillende jaren heeft gebruikt en die ik, nu al bijna tien jaar geleden, van hem geërfd heb.

In diezelfde zin beken ik dat ik mijn tandpastatubes zorgvuldig en meerdere keren volledig uitpers met een plat voorwerp om er de laatste vierkante millimeter uit te kunnen halen. Ik ben er ook gewend aan geraakt de verscheidene kleine stukjes zeep, in de badkamer, die normalerwijze niet meer bruikbaar zijn, op elkaar te drukken tot ze een nieuw stuk zeep vertegenwoordigen, zodanig dat het al lang geleden is dat die bedelaar, daar voor mijn deur, die alle dagen mijn vuilnisbak doorzoekt, zichzelf nog eens deftig heeft kunnen inzepen...

16:45 Gepost door Rudoris | Commentaren (0) |  Print

De commentaren zijn gesloten.